Hoe slecht gaat het nu eigenlijk écht met Ajax?

Johan Cruijff haalt zijn zwak presterende club Ajax al jaren door de mangel.

Waar is de kritiek van Ajax’ beste voetballer op gebaseerd, en heeft hij gelijk?

Sinds hij op 15 november 1964 als zeventienjarig jongetje zijn debuut maakte in het eerste elftal van Ajax – en scoorde – houdt Johan Cruijff de gemoederen bij de voetbalclub uit Amsterdam bezig. Cruijff is niet zomaar een oud-speler. Lastig en ongrijpbaar als hij is, Johan is de mooiste Ajax-zoon van allemaal. Zonder Cruijff had de club nooit zo veel aanzien verworven in de wereld. En dat weet iedere Ajacied maar al te goed.

En zoals Cruijff in de harten zit van de Ajacieden, is Cruijff nog altijd erg begaan met Ajax. De club maakt, net als Barcelona, zijn leven waardevol; en als het slecht gaat met Ajax, doet dat pijn. De afgelopen maanden uitte hij in zijn columns in De Telegraaf veel kritiek op de club; op het spel, op de directie, op het beleid. Naar eigen zeggen probeert hij daarmee „niet de club kapot te maken maar te voorkomen dat de club kapot wordt gemaakt”.

Cruijff is misschien niet altijd te volgen, maar hij doorziet het spelletje als geen ander. En hij heeft vaak gelijk. Zo zei Marco van Basten eens: „Ik word gek van Johan, want hij wil altijd gelijk hebben. En twee maanden later word ik nog gekker, want dan blijkt dat hij gelijk had.” Maar is dat nu ook zo? Is de kritiek van Cruijff terecht? Hoe slecht gaat het nou eigenlijk met de club uit Amsterdam?

„Tweeënhalf jaar geleden verscheen het rapport Coronel, met daarin allerlei conclusies en suggesties voor de toekomst. Als je ziet wat daar van terechtgekomen is, dan is het één groot drama. Qua financiën, qua opleiding, qua scouting, qua aankoopbeleid en qua voetbal.”

Johan Cruijff, 20 september

Wat is het rapport Coronel en wat wordt ermee gedaan?

Erelid Uri Coronel werd drie jaar geleden door de toenmalige Ajax-leiding gevraagd onderzoek te doen naar de magere prestaties van Ajax sinds het laatste grote succes, de winst van de Champions League in 1995. Coronel kwam in zijn rapport ‘Ajax, de weg naar winst’ (2008) met 38 aanbevelingen. Daarna werd hij zelf voorzitter. Volgens Coronel zijn 30 van de 38 aanbevelingen uitgevoerd. Essentieel is echter de keuze voor een model waarin de hoofdtrainer het technisch beleid bepaalt. Zoals Louis van Gaal onlangs terecht opmerkte: het bestuur heeft de macht in handen gegeven van een passant. Dat is de trainer, die eerder uit eigen belang zal handelen en niet de langetermijnvisie van de club in de gaten houdt. Daardoor kon Marco van Basten in 2008-2009 voor 35 miljoen euro investeren. Aangezien het merendeel van zijn aankopen het niet hebben gered bij Ajax bleek dat een enorme kapitaalvernietiging die de club in sportief en financieel opzicht nog steeds achtervolgt. Ajax heeft behoefte aan een goede technisch directeur. De ideale kandidaat voor die functie kan vanuit zijn huis op de fiets naar de Arena: Guus Hiddink, nu nog bondscoach van Turkije.

„Als je er goed over nadenkt is het echt onvoorstelbaar. Sinds de beursgang is er meer dan honderd miljoen verdwenen. Dat is een prestatie op zich.”

Johan Cruijff, 8 november

Hoe slecht gaat het in financieel opzicht met Ajax?

De feiten zijn dat Ajax vorig seizoen een verlies leed van bijna 23 miljoen euro. Daardoor is het eigen vermogen geslonken naar een kleine veertig miljoen euro. Desondanks mag Ajax zich nog steeds de rijkste club van Nederland noemen. Het heeft als een van de weinig bvo’s (betaaldvoetbalorganisaties) immers vet op de botten. Maar de personeelskosten – lees: hoge salarissen van spelers, technische staf en directieleden – van 48,8 miljoen euro blijven als een molensteen om de nek van de club hangen. Als Ajax volgend seizoen geen Champions League speelt, kan het betekenen dat het eigen vermogen opnieuw moet worden aangesproken. Er staat tegenover dat mogelijke spelersverkopen, bijvoorbeeld Luis Suarez, Jan Vertonghen of Gregory van der Wiel, die nog voor meerdere jaren vastliggen en dus een afkoopsom opleveren, de clubkas kunnen spekken en een positieve invloed hebben op de financiële positie. Het eigen vermogen kan daardoor weer groeien.

„Dit is Ajax niet meer. Deze ploeg is niet in staat om meer dan drie keer de bal naar elkaar toe te spelen.”

Johan Cruijff, 20 september

Wat is er mis met het elftal?

Leo Beenhakker zou zeggen: Haben Sie eine Stunde? De strategie is, al dan niet opzettelijk, te veel afgestemd op één speler: Luis Suarez. Ajax probeert verzorgd voetbal te spelen met drie spitsen, geheel volgens de cultuur van de club. Maar als de tegenstander te sterk is, vestigen te veel spelers hun hoop op de Uruguayaan. Hij ondervindt momenteel de naweeën van het wereldkampioenschap in Zuid-Afrika en is uit vorm. Na het WK had hij nauwelijks vakantie doordat Ajax zich moest plaatsen voor de Champions League. Suarez wordt meestal opgesteld als rechtsbuiten, maar trekt altijd naar het centrum waardoor er niet alleen een flankspeler ontbreekt, maar de linksback van de tegenstander vrij spel heeft. Op het middenveld mist Ajax persoonlijkheden. Rasmus Lindgren, Eyong Enoh, Siem de Jong (steeds vaker ongelukkig opgesteld als rechtshalf) en Demy de Zeeuw, die ook nog niet is hersteld van de zware zomermaanden, kunnen het elftal niet dragen. Achterin maakt Van der Wiel door het WK eveneens een moeilijke periode door en zal Jan Vertonghen niet blij zijn dat zijn Belgische maatje Toby Alderweireld door trainer Martin Jol een minderwaardigheidscomplex werd aangepraat. Onder druk blijkt Ajax zeer kwetsbaar. Daar liggen morgen veel mogelijkheden voor PSV, dat veel beter is uitgebalanceerd.

Hoe slecht gaat het sportief nu echt?

Na drie nederlagen in tien dagen is het traditioneel crisis bij Ajax, zeker na de kansloze opvoering tegen het fanatieke AZ (2-0). Maar alles kan nog ten goede keren. De wedstrijd tegen PSV is een sleutelduel. Wint Ajax, dan kruipt het op de ranglijst weer dichter naar de lijstaanvoerder toe en slinkt de achterstand van zes naar drie punten op de huidige lijstaanvoerder. Verliest de club uit Amsterdam dan wordt het gat negen punten, een tamelijk grote achterstand. Een zege geeft ook vertrouwen voor de Champions-Leagueduels met Real Madrid (dinsdag) en AC Milan (8 december). Ajax is op het hoogste Europese clubniveau nagenoeg uitgeschakeld voor de volgende ronde, maar dat was te verwachten. Als Auxerre tegen beide Europese topclubs geen punten pakt, speelt Ajax in het voorjaar gewoon volgens planning Europa League.

„Intussen blijft directeur Rik van den Boog roepen dat de opleiding prima is, worden drie dezelfde type spitsen gekocht en zijn er geen buitenspelers.”

Johan Cruijff, 20 september

Is de kritiek op de scouting en het aankoopbeleid terecht?

Ajax had in het verleden over Arjen Robben, Eljero Elia en Balazs Dzsudzsak kunnen beschikken. Maar zich ook kunnen richten op spelers als Nacer Chadli (FC Twente) en Dries Mertens (FC Utrecht), die voor een prikkie te koop waren in de eerste divisie. Allen zeer goede flankaanvallers. Het kocht wel Miralem Sulejmani voor 16,25 miljoen euro, die nu als reservespeler nog geen vijf miljoen waard is. Hij was Ajax (en ook AZ) al eens voor weinig geld aangeboden. Ergens gaat er op dit gebied al jaren iets mis in de Arena. Soms moet een club een aangeboden talent wel laten lopen omdat zijn positie al dubbel is bezet en er juist voor een andere plek in het elftal investeringen nodig zijn. Ajax kampt bovendien met een stuwmeer aan (ongeschikte) spelers door een slecht technisch beleid. Het maakte een zeer armoedige indruk dat een club met zo’n rijke historie een speler als Mido moest aantrekken die dertien kilo te zwaar was en nog steeds geen hele wedstrijd kan spelen. Dat alleen omdat de financiële positie geen alternatief toestond en de zaakwaarnemer van de hoofdtrainer (Mino Raiola) nog een werkloze speler in zijn stal had.

Is de kritiek op de jeugdopleiding terecht?

Gezien het aantal spelers dat Ajax in zijn eerste elftal heeft lopen dat afkomstig is uit de eigen kweekvijver, zijn de verwijten niet terecht. Geen club in Nederland, maar waarschijnlijk nagenoeg in de hele wereld niet, kan zeggen dat het zeven, acht spelers uit de eigen opleiding in de hoofdmacht heeft. Het is wel vreemd dat Ajax geen spelers opleidt die noodzakelijk zijn voor de specifieke speelwijze met drie spitsen. John van ’t Schip en Bryan Roy waren eind jaren tachtig, begin jaren negentig de laatste vleugelaanvallers uit eigen voetbalschool. Patrick Kluivert was de laatste centrumspits. Hier zouden opleiding en scouting zich op moeten focussen. Verdedigers en middenvelders kun je overal vandaan halen.

Lees het rapport-Coronel op www.ajax.nl