Eerst m'n snor terug

De Britse stand up comedian Richard Herring maakte een programma over de snor van Hitler. „Het stelen van die snor is misschien wel zijn grootste misdaad.”

De snor was echt. Toeschouwers die dachten dat het een opplaksnorretje was, liet hij er aan trekken. „Ze konden niet geloven dat ik een Hitlersnor had laten staan”, zegt Richard Herring over de vermomming bij zijn onemanshow Hitler Moustache. „Met die tandenborstelnor onder je neus roep je een stigma over jezelf af. Daar ging het mij juist om. Wat doet zo’n snor met je, en word je net zo’n slecht mens als Adolf Hitler?”

De Britse komiek Richard Herring woont en werkt in Shepherd’s Bush, een van de meest multiculturele wijken van Londen. De groeiende politieke invloed van de racistische British National Party (BNP) zette hem aan het denken, nadat oprichter John Tyndall in de media verklaarde dat hij Hitlers Mein Kampf als zijn Bijbel beschouwde. Herring besloot dat satire zijn beste wapen was om weerwoord te bieden. De speelfilm The Great Dictator (1940) van Charlie Chaplin gaf hem inspiratie voor een avondvullend comedyprogramma waarin de snor centraal moest staan.

„Chaplin had dat kleine snorretje al vele jaren eerder dan Hitler”, zegt Herring. „Als je oude filmpjes ziet uit de jaren dertig, dragen juist nette heren zo’n borstel onder de neus. Tegenwoordig wordt de Hitlersnor geassocieerd met fascisme en jodenvervolging. Adolf Hitler nam Chaplin zijn snor af, net zoals hij de swastika van zijn oorspronkelijke, vredelievende betekenis ontdeed. Ik wil de tandenborstelsnor terugclaimen voor de comedy. Geef Charlie Chaplin zijn snor terug!”

Richard Herring (1967) studeerde geschiedenis aan de universiteit van Oxford en debuteerde in 1989 als stand up comedian. Zijn eerste bekendheid verwierf hij met Stewart Lee als het komische duo Lee & Herring, bekend van BBC-tv en -radio. In 1994 debuteerde hij met de soloshow Richard Herring Is Fat en sindsdien legt hij zich vooral toe op theaterwerk. Op het Fringe-festival in Edinburgh trekt hij volle zalen. De British Theatre Guide riep hem uit tot „verborgen meester van de moderne Britse comedy”.

Naast zijn grotendeels geïmproviseerde standup-werk bracht Herring enkele theatrale one man shows zoals The Headmaster’s Son (over zijn vader en zijn begindagen als grappenmaker), Christ on a Bike (over zin en onzin van religie) en Hitler Moustache, een show die hij meer dan honderd keer opvoerde en waarvan vandaag een live registratie op dvd verschijnt.

„Hier op straat werd er wisselend gereageerd op mijn Hitlersnor.” Herring wijst naar de entree van de hotelbar in Shepherd’s Bush, waar hij verschijnt in een veel netter pak dan de sjofele kleding waarmee hij doorgaans op het podium staat. „De meesten liepen ongeïnteresseerd aan me voorbij, maar soms zag ik schuine blikken van mensen die me argwanend nakeken. Er is een soort zelfhaat voor nodig om als weldenkend mens zo’n symbool van de rampspoed uit de Tweede Wereldoorlog mee te dragen.

„In mijn show zeg ik dat het stelen van die snor misschien wel Hitlers grootste misdaad is geweest. Als comedian mag ik dat zeggen, omwille van de humor. Terwijl ik natuurlijk niet wil bagatelliseren dat er een holocaust heeft plaatsgevonden. De snor zette mij aan het denken en met de show wilde ik daar zo eerlijk mogelijk verslag van doen. Hoe ga je bijvoorbeeld om met het vijftigjarige huwelijk van je ouders, als je een Hitlersnor hebt en je weet dat er honderden foto’s gemaakt gaan worden? Ik heb het monsterlijke ding voor die ene dag afgeschoren, hoewel ik midden in mijn tournee zat.”

Met zijn lange haar en gedrongen postuur lijkt hij in de verste verte niet op Hitler, zeker niet nu de snor er weer af is. Op de publiciteitsfoto die op de voorkant van de dvd prijkt, is de gelijkenis echter frappant. Fotograaf Steve Brown kwam met een doorleefd exemplaar van Mein Kampf en stelde voor Herring met precies dezelfde, indringende blik af te beelden. Het resultaat is van een hypnotiserende intensiteit, hetgeen Herring tot de uitspraak brengt dat „Hitler geen domme jongen was op het gebied van marketing”.

In zijn show haalt Herring een waar gebeurde anekdote op, die veel zegt over de manier waarop de snor hem tot nadenken dwong. „Hier vlak om de hoek werd mijn iPhone uit mijn handen gerukt door een jongen op een fiets, die er als een haas mee vandoor ging. Ik zette het op een schreeuwen, want zonder iPhone ben ik nog niet half de man die ik normaal ben. Mijn hele leven zit erin opgeslagen. Er kwam een politiewagen aanrijden en ik werd achterin gezet om de dader achterna te gaan. Die was echter allang gevlogen en dus reden we een kwartier lang vruchteloos rond, speurend in straten en stegen naar een zwarte jongen met een zwarte muts en een racefiets. Toen ik een zwarte jongen met een bláuwe muts zag, verzuchtte ik tegen de agenten dat al die potentiële daders er hetzelfde uit zien. Toen pas bedacht ik met hoe dat geklonken moet hebben: een man met een Hitlersnor die hardop verkondigt dat alle negers op elkaar lijken. Racisme zit in een klein hoekje, zelfs als je niet van plan bent te discrimineren.”

Het steekt Richard Herring, dat hij in een column in The Guardian beticht werd van goedkoop effectbejag ten koste van de gevoelens van oorlogsslachtoffers. De schrijver viel over het uit zijn verband gelichte citaat „racisten hebben een punt”. Die stelling wordt uitgewerkt tot het betoog dat vrijheid van meningsuiting voor iedereen moet gelden, ook als de spreker zich volstrekt belachelijk maakt met ideeën die geen stand houden in een discussie.

„Ik zie de dingen graag in een historisch perspectief, want daar ligt nu eenmaal mijn academische achtergrond. Mijn praktijk als comedian is allang niet meer afhankelijk van de gemakkelijke lach. Ik heb een arsenaal aan seksgrappen en dijenkletsers voor zaterdagavonden waarop ik een dronken publiek tref met een korte aandachtsspanne. Veel liever hou ik een intelligent betoog met een kop en een staart, en stuur ik de mensen naar huis met stof tot nadenken.”

Herring is berucht om de scherpte waarmee hij reageert op hecklers: de schreeuwers in het publiek die leuker proberen te zijn dan de man of vrouw op het podium. Op YouTube circuleert een filmpje dat al bijna anderhalf miljoen keer is bekeken, waarin hij korte metten maakt met een naarling die de show probeert te torpederen. In Engeland is comedy een enorme publiekstrekker. Herring heeft moeite met de veelgehoorde stelling dat het een nieuwe vorm van rock & roll is.

„Comedy heeft zijn eigen regels en sterren. Jammer genoeg wordt populariteit vaak afgemeten aan televisiebekendheid. Er komt muzikaliteit bij kijken, een ritmegevoel en een metrum dat alleen de betere comedians onder de knie hebben. Timing is alles; een goed gekozen stilte kan een grap maken of breken.”

In Nederland heeft Richard Herring nog nooit eerder opgetreden. Hij verheugt zich op zijn relatief korte set in de Amsterdamse comedyclub Toomler. Nederland is comedy minded, weet hij van collega’s. Hij zal het van de zaal en de sfeer laten afhangen, welk materiaal hij uit zijn ijzersterk geheugen opdiept. „Als het publiek geconcentreerd is, doe ik wellicht een van de langere scènes uit Hitler Moustache. Nu mijn snor weg is, moet ik daar bij jullie misschien een blonde pruik bij opzetten.”

De dvd Hitler Moustache is uitgebracht door PIAS. Richard Herring treedt 21 nov. op in Toomler, Amsterdam.