Waarom heet pindakaas eigenlijk pinda-'kaas'?

Annelot de Bruin (7) uit Arnhem zat met een vriendinnetje boterhammen te eten en vroeg zich opeens af: „waarom heet pindakaas eigenlijk pindakaas? Waarom niet gewoon pindapot, er zit toch helemaal geen kaas in?”

Pindapot is misschien ook niet de meest logische keuze, maar pindakaas is inderdaad een gekke benaming voor iets waar geen kaas in zit.

In Amerika, waar peanutbutter vandaan komt, noemen ze het dan ook pindaboter. Maar het woord ‘boter’ mocht in Nederland niet zomaar worden gebruikt, toen Calvé in 1948 het product voor het eerst hier op de markt wilde brengen, laat moederbedrijf Unilever weten. Alleen echte roomboter mocht ‘boter’ heten. Het is nog steeds een beschermd begrip.

Voor pindaboter moest een andere naam worden bedacht. Maar waarom dan pindakaas en niet pindapasta of pindabeleg? Of pindapot?

Volgens Unilever werd er voor pinda-‘kaas’ gekozen in navolging van een ander populair broodbeleg uit die tijd: leverkaas, waar ook helemaal geen kaas in zit.

Maar waarom werd leverkaas dan lever-‘kaas’ genoemd? Dat is een vierkante leverpastei met een randje spekvet erom.

„Omdat leverkaas is gemaakt in een kaasvorm”, zo heeft de Amsterdamse kwaliteitsslager René van der Schaft het geleerd op de slagersvakschool. Kaas voor de horeca, hotelkaas genoemd, wordt gemaakt in een rechthoekige vorm. „Ooit heeft een slager bedacht om daar een leverworst in te maken”, zegt Van der Schaft. „Maar die bleef kleven aan de vorm. Sindsdien zit er een speklaagje omheen.”

Mag je dan wel zomaar het woord kaas gebruiken voor iets wat geen kaas is? Volgens het productschap zuivel zijn in principe alle zuivelnamen beschermde begrippen: in de basis moet het gemaakt zijn van zuivel. Daarom moet de kaas op diepvriespizza’s, die vaak vooral uit plantaardige vetten bestaat, tegenwoordig ‘pizzakaas’ worden genoemd. Om duidelijk te maken dat het geen échte kaas is.

Er bestaat echter voor elk land een lijst waarop uitzonderingen op deze regel zijn vastgelegd door de EU. Op de Nederlandse lijst staan bijvoorbeeld pindakaas en leverkaas, maar ook cacaoboter. Die namen zijn hier nou eenmaal historisch zo gegroeid.

In een hoop andere Europese landen mag pindakaas wel gewoon pindaboter heten. In Duitsland heet het erdnussbutter, in Frankrijk buerre de cacahuète en in Engeland ook gewoon peanutbutter. In Noorwegen moet je vragen naar peanøttsmør.

Joël Broekaert