Schuldig of niet, straffen moet eerlijk

Schaatscoach Ingrid Paul stond gisteren voor de rechter.

Het kort geding draait niet om de vraag of ze schuldig is aan ‘omkoping’, maar om de procedure die de bond volgde.

Nog even en ze is ook niet meer welkom bij de Stavanger Skøyteklubb. Ingrid Paul komt er slechts twee keer per maand, maar ook de Noorse ijsclub, de enig overgebleven schaatswerkgever van de schaatscoach, dreigt af te haken. Bijna vijf jaar na dato grijpt het verleden haar plotseling naar de keel. „Schaatsen is mijn leven. Dat wil ik niet zomaar kwijtraken”, zei Paul (45) gisteren in de rechtbank van Utrecht.

Daar eiste ze in een kort geding dat schaatsbond KNSB de straf intrekt die hij Paul vorige maand oplegde omdat zij tijdens de Olympische Winterspelen in Turijn (2006) zou hebben geprobeerd Katarzyna Wojcicka om te kopen. De Poolse rijdster zou 50.000 euro krijgen als ze haar startbewijs zou inleveren, zodat Gretha Smit kon rijden. Wojcicka weigerde.

Of Paul daadwerkelijk schuldig is, daar wilde ze gisteren niet op ingaan. Maar sinds de KNSB haar vorige maand liet weten dat ze een jaar lang niet in aanmerking komt voor een licentie op de Nederlandse ijsbanen wordt ze door de internationale schaatswereld beschouwd als „persona non grata”, betoogde haar raadsman Bert Kingma. „Ik word op allerlei manieren tegengewerkt”, zei ze zelf.

De KNSB vroeg de internationale schaatsunie (ISU) de sanctie over te nemen en stuurde een Engelse vertaling van het ‘rapport-Turijn’ naar de Noorse bond. Die wil nu dat de ijsclub in Stavanger de relatie met haar beëindigt. „Ik zou ook wat doen in Canada, maar dat gaat nu niet door.” Zelfs haar dagelijkse werk als arts in het ziekenhuis De Tjongerschans in Heerenveen lijdt eronder „Als er negatief over mij wordt gesproken beïnvloedt dat mij ook als arts.”

In het kort geding stelt ze dat de bond een onzorgvuldige procedure heeft gevolgd. Hoewel het destijds in Turijn al gonsde van de geruchten over pogingen van de Nederlandse ploeg startplaatsen te ‘kopen’, kwam de zaak rond ‘het kamp-Smit’ pas vier jaar later naar buiten. Dat gebeurde kort voor de Spelen in Vancouver. In een reportage van Studio Sport bevestigde de Poolse schaatsster de stelling dat de coach van Smit haar in Turijn geld had geboden om niet te starten.

De KNSB liet de zaak onderzoeken door een commissie onder leiding van Jan Loorbach, oud-bestuurslid van NOC*NSF. Die wees afgelopen zomer Paul aan als hoofdverantwoordelijke voor de omkopingspoging. Voor de KNSB was dat reden de coach een jaar lang een licentie te weigeren. Daardoor kan Paul niet in Nederland aan de slag als trainer.

Het kort geding draait vooral om de procedure die het KNSB-bestuur volgde. Paul vindt dat het bestuur onrechtmatig heeft gehandeld door de conclusies in het rapport van de commissie-Turijn over te nemen. Volgens de eigen statuten had de KNSB Paul moeten aanklagen bij de tuchtcommissie van die bond, zodat de coach in elk geval recht had gehad op een weerwoord, stelde haar advocaat Kingma. Bovendien had ze dan beroep kunnen aantekenen. „De KNSB heeft niets van dat alles gedaan. Sterker nog: hij heeft in het geheel niets van zich laten horen. Paul heeft de berichtgeving via de media gevolgd en heeft een exemplaar van het rapport op het internet achterhaald.”

De KNSB toonde zich in de rechtbank niet onder de indruk van het leed dat Paul lijdt. „Ingrid Paul heeft alle media-aandacht in zekere zin over zichzelf afgeroepen”, zei advocaat Michien van Dijk. „Wie zijn billen brandt moet op de blaren zitten.”

De KNSB vindt op basis van de bevindingen van de commissie-Turijn dat Paul „ernstige – olympische – normen en waarden als fairplay en respect” heeft geschonden en de belangen van de KNSB heeft geschaad. „Vriend en vijand zijn het erover eens dat Ingrid Paul op enigerlei wijze betrokken was bij de omkoopaffaire”, zei Van Dijk.

De KNSB bestrijdt dat het de affaire had moeten laten behandelen door de tuchtcommissie, waarbij Paul recht op wederhoor had gehad. De schaatstrainer, bleek gisteren, is al jaren geen lid meer van een Nederlandse ijsclub, dus ook niet van de KNSB. De afgelopen jaren was ze bondscoach van Canada. Omdat ze geen KNSB-lid is, is Paul ook niet gebonden aan het tuchtrecht van die bond, zei Van Dijk. De KNSB stelde ook dat de licentie van Paul niet is ingetrokken, want ze had geen licentie als schaatscoach in Nederland.

De bond verbaast zich erover dat Paul, na alles wat gebeurd is, haar pijlen op de bond richt. „Het is opvallend dat Ingrid Paul niet heeft geageerd tegen Katarzyna Wojcicka of heeft geprobeerd om de uitzending van Studio Sport tegen te houden.”

Paul zegt dat haar naam is besmet. Ze wil alleen dat er „op een eerlijke manier” uitspraak wordt gedaan. „Het leed is geleden. Maar ik kan dit niet over me heen laten gaan.”

De rechter doet 1 december uitspraak.