Praten over documentaires die begrip boven ontroering stellen

Michiel Bicker Caarten, hoofdredacteur en presentator van Uitgesproken WNL, was gisteren niet in vorm. Hij verhaspelde de naam van Tweede Kamerlid Stientje van Veldhoven (D66) en liet zich voor het eerst intimideren door zijn vaste commentator Hans Wiegel (VVD). Logisch, als je net vernomen hebt dat je er per 1 januari alweer uitvliegt, nota bene na een primeur met grote gevolgen, over de buurtintimidatie door het latere Kamerlid Eric Lucassen. Het zal toch geen straf zijn voor de journalist die de PVV-bal aan het rollen bracht?

WNL zegt te zoeken naar een gezicht dat beter past bij de identiteit van de nieuwe omroep. Die lijkt te zijn gevonden in de persoon van Joost Eerdmans, wethouder in Capelle aan den IJssel en voormalig coryfee van de LPF. In De wereld draait door (VARA) gaf die toe „van alles te willen doen in de media” en al een screentest te hebben afgelegd. Het klinkt als de eerste koerswijziging van WNL, van liberaal-conservatief naar populistisch-conservatief.

Bicker Caarten noemde zijn item over Lucassen gisteren „onze documentaire”, maar dat is een fout die bijna iedereen bij de omroep maakt. Er bestaan veel misverstanden over de betekenis van het begrip documentaire, dat ook ten onrechte wordt gebruikt voor elke willekeurige actuele reportage.

Eerlijk gezegd is het grote gespecialiseerde festival IDFA, waarvan gisteren de 23ste editie werd geopend, de laatste jaren te weinig effectief geweest in het tegenspreken van zulke misconcepties.

Een bemoedigende poging om dat nu eens wel te doen is de serie IDFA: 3 Ways of Reality (VPRO), waarin Daphne Bunskoek tijdens het festival drie gesprekken voert met Nederlandse regisseurs van documentaires over hun relatie tot het filmen van de werkelijkheid. René Daalder gaat praten over de opzettelijke vermenging van fictie en realiteit, Coco Schrijber over confronterende werkelijkheid.

Gisteren opende het drieluik met Jeroen Berkvens, onder meer maker van een documentaire over gitarist Jimmy Rosenberg (zie ook Kijkcijfer). Berkvens moest „de ontroerende werkelijkheid” bespreken, maar hij geeft de voorkeur aan het woord „beroering”.

Nog beter legde de Finse regisseur Pirjo Honkasalo het uit. Zij is dit jaar eregast van IDFA en een voorbeeld voor Berkvens. Voor haar is het bewaren van afstand tot de mensen in haar films van levensbelang: „Ik wil dat het publiek de film kan betrekken op de eigen ervaring. Niet dat ze uit empathie met de hoofdpersonen mee huilen, maar dat ze op emotioneel vlak iets nieuws begrijpen.” Dat is misschien het belangrijkste verschil tussen wat televisie vaak doet en een echte documentaire. Het gaat niet om de emotie van de mensen in beeld, maar om het begrip van de kijker.