Derde leven voor NAVO

De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) lijkt zich soms van topconferentie naar topconferentie te slepen. In Lissabon komen de regeringsleiders van de 28 lidstaten bijeen om zich te buigen over de strategie van de nu 61-jarige alliantie. Het bondgenootschap is volgens secretaris-generaal Rasmussen toe aan zijn derde leven: een NAVO 3.0.

Tot het einde van de Koude Oorlog in 1991 concentreerde de alliantie zich op nucleaire afschrikking van en conventioneel evenwicht met het Warschaupact rond de Sovjet-Unie.

Daarna hield de NAVO zich vooral bezig met vredesoperaties en crisisbeheersing. En met de eigen organisatorische groei. Het aantal lidstaten nam toe van de 16 uit 1982 (toen Spanje toetrad) tot de 28 (met het Oostblok erbij) van nu. Alleen de uitbreiding naar Oekraïne en Georgië mislukte, aanvankelijk omdat Duitsland en Frankrijk die blokkeerde en later omdat de vijfdaagse veldtocht van Rusland in Zuid-Ossetië en tegen Georgië in augustus 2008 deze expansie rond de Zwarte Zee afremde.

De nieuwe strategie moet minder territoriaal zijn. NAVO 3.0 moet flexibel en snel reageren op niet-statelijk terrorisme, op nucleaire proliferatie naar en aanvallen van ongrijpbare landen en regio’s, op piraterij en internetoorlogsvoering.

De invasie in Afghanistan, die intussen lijkt te verzanden in een moeizame oorlog waarvoor geen snelle uitweg meer is te vinden, is dus geen uitzondering geweest.

Dat betekent dat de alliantie haar defensieve doelstellingen moet omzetten in offensievere strategieën. De plannen voor een antiraketschild in Midden-Europa waren daarvan al een voorbode.

Maar juist deze omschakeling leidt tot spanningen binnen de NAVO. Nadat het raketschild eerder meningsverschillen over de relatie met Rusland aan het licht had gebracht tussen Amerika en Oost-Europa enerzijds en het ‘oude’ Europa anderzijds, leidt het nu tot spanningen met Turkije.

Waar Oost-Europa het antiraketschild zag als een (politieke) bescherming tegen Rusland, vreest Turkije – dat sinds 1952 een trouwe bondgenoot van het Westen is maar nu meer naar het Oosten opschuift – dat het de openingen naar Iran doorkruist.

Bovendien dient zich binnen het Amerikaanse Congres meer verzet aan tegen het beleid van president Obama om de relaties met Rusland te ‘resetten’. Sinds de tussentijdse verkiezingen is het niet meer zeker dat het Amerikaans-Russische akkoord ter beperking van resterende strategische kernwapens, dat Obama en Medvedev in april sloten, ook zal worden geratificeerd.

Deze opeenstapeling van verschillende prioriteiten is niet zo snel tot één strategie richting NAVO 3.0 te herleiden. De top in Lissabon zal minder opleveren dan Rasmussen wil.