Spelen met waanzin

Hamlet, Shakespeare door Toneelgroep Oostpool. Gezien: 16/11 Stadsschouwburg, Amsterdam. Tournee t/m 11/12. ***

„Ik speel mijn waanzin, ik ben het niet”, zegt titelheld Sanne den Hartogh in Shakespeares meesterdrama Hamlet. Met deze woorden, prachtig licht uitgesproken met een welluidende dictie, geeft Den Hartogh ons de sleutel tot zijn Hamlet, een van de duizenden in de eeuwenlange opvoeringsgeschiedenis.

Toneelspel dient ertoe om de waarheid te achterhalen. Niet voor niets opent deze versie in de regie van Marcus Azzini met de toneelspelerscène, die feitelijk veel later komt. Toneelspelers zijn van wezenlijk belang om leven en dood, waarheid en fictie voor de toeschouwer uiteen te rafelen.

Met ongemeen veel brille en vaart schieten de eerste scènes voorbij in een wondermooi coulissendecor. Erik Whien als de slinkse staatsdienaar Polonius, is weergaloos als redderende duvelstoejager.

Jammer dat de voorstelling later wat gaat verstarren. De rol van Ophelia is niet meer dan een staketsel. Moeder Gertrude (Maria Kraakman) en oom Claudius (moordenaar Hamlets vader) kunnen hun dramatische bijdrage niet voluit benutten.

Mooie vondst is Horatio (Michiel Bakker) die als symbool van vernuftig denken Hamlets schaduw vormt en Hamlet in dat schimmige gebied van echte of gespeelde waanzin laat excelleren. Den Hartogh is een grootse Hamlet die met ogenschijnlijk gemak de verzen zegt en de handeling aldoor blijft aanvuren.