Ongeloofwaardige PVV

Een dubbele moraal en dubbele standaarden kenmerkten gisteravond het debat dat de Tweede Kamer wijdde aan het zowel in opspraak geraakte als strafrechtelijk veroordeelde lid Eric Lucassen van de PVV. Diens partijleider Geert Wilders bood weliswaar ruiterlijk zijn excuses aan, ook voor zijn eigen falen destijds bij de screening van kandidaat-Kamerleden. Maar hij maakte geen moment duidelijk waarom Lucassen ondanks diens wangedrag lid van zijn fractie mag blijven.

Als dit Kamerlid zijn partij een dienst had willen bewijzen, zou hem maar één daad hebben gepast: wegwezen.

Niet omdat Nederlanders met een strafblad geen parlementariër zouden mogen zijn, maar juist omdat de PVV anderen zo de maat neemt en aanspreekt op hun gedrag in het verleden. Toen het Kamerlid Duyvendak (GroenLinks) in 2008 terecht opstapte nadat er criminele daden uit zijn verleden als activist aan het licht waren gekomen, drong Wilders er nog op aan dat hij zijn wachtgeld zou inleveren. Maar Lucassen mag Kamerlid blijven, uiteraard met behoud van zijn volledige vergoeding, en bouwt zo verder aan zijn recht op wachtgeld voor de periode daarna.

Intussen zijn de onderwerpen die hij als Kamerlid namens de PVV zou behandelen, hem goeddeels ontnomen. Zijn functie is dus nog voornamelijk het zijn van één stuks stemvee. In het bijzonder de 76ste meerderheidsstem die de coalitie van VVD en CDA van gedoogpartner PVV moet krijgen.

Welk recht van spreken heeft de PVV nog als jongens van Marokkaanse of andere komaf straks weer worden beticht van ‘straatterreur’ en andere overlast? De geloofwaardigheid van de PVV is aangetast, ook door andere kwesties waarmee leden en kandidaat-leden van deze fractie negatief in de publiciteit zijn gekomen en die zij voor hun leider – en voor hun kiezers – hebben verzwegen. De optelsom van halve en hele onwaarheden wekt de suggestie dat bij de PVV de leugen regeert.

Ook de fracties van VVD en CDA blonken gisteravond niet uit door moed. Fractieleider Sybrand van Haersma Buma van het CDA wenste ditmaal niet te oordelen over het aanblijven van Lucassen, waar hij in 2008 het vertrek van Duyvendak „een verstandige weg” had genoemd. VVD-fractievoorzitter Stef Blok kreeg niet over zijn lippen dat Lucassen uit zijn fractie wél zou zijn verwijderd, waar een collega-Kamerlid van zijn partij dat over Duyvendak onomwonden had opgemerkt. Maar zeggen wat je denkt was gisteravond geen geliefd uitgangspunt. De grootste bijdrage aan de zo opgetrokken mist leverde PVV-leider Wilders. Hij wenste zelfs niet te bevestigen dat Lucassen geen fractielid had kunnen worden als diens verleden tijdig bekend was geweest. Daar kunnen de kiezers van de PVV het dan mee doen.