Lage Landen zijn het minst geschikt voor het WK voetbal

Steven Derix en

Dolf de Groot

Vrijdag trapt Ruud Gullit een balletje op een splinternieuwe kunstgrasveldje in São Paulo. Daarna zal hij nog eens een poging doen om FIFA-bestuurder Ricardo Teixeira er van te overtuigen dat hij op Nederland en België moet stemmen.

Op 2 december beslist de FIFA welke landen het wereldkampioenschap voetbal van 2018 en 2022 mogen organiseren. Met nog twee weken te gaan is de campagne der Lage Landen in volle gang.

Maar campagneleider Gullit en KNVB-directeur Harry Been zullen weinig aandacht willen besteden aan een kritisch rapport van de inspectiecommissie van de wereldvoetbalbond dat vanochtend is verschenen. Nederland en België komen daarin slechter uit de verf dan de concurrenten Rusland, Engeland en de combinatie Spanje/Portugal.

Volgens het inspectierapport van de FIFA ontbreekt het aan „de noodzakelijke overheidssteun” om het WK te organiseren. Nederland en België hebben namelijk geweigerd om hun handtekening te zetten onder een serie van garanties die de FIFA van beide regeringen vraagt. Zo eist de FIFA volledige vrijstelling van belastingen, opschorting van de arboregels en juridische immuniteit. Kamerleden lieten de afgelopen maanden duidelijk weten geïrriteerd te zijn over de dictaten uit Zürich.

Nederland en België gingen niet akkoord, maar brachten wijzigingen aan in de FIFA-garanties. Een vermanende brief van de FIFA aan sportminister Edith Schippers (VVD) veranderde hier niets aan.

Deze kritische houding komt Nederland nu duur te staan. In het inspectierapport wordt het juridische risico dat de FIFA in Nederland en België zou lopen, ingeschaald op ‘gemiddeld’, terwijl dat bij de drie Europese concurrenten ‘laag’ is. Ook de gezamenlijke organisatie van het WK zou volgens de FIFA voor organisatorische problemen kunnen zorgen. Daarnaast vindt de inspectiecommissie dat er te weinig hotelkamers en trainingsaccommodaties beschikbaar zijn. Positief vindt de FIFA de plannen voor duurzame stadions, de goede infrastructuur in beide landen en de plannen om coaches in ontwikkelingslanden op te leiden in aanloop naar het WK.

Een woordvoerder van het Holland-Belgium-bid hield vanochtend de moed er in. Volgens hem heeft het rapport de kansen van Nederland en België niet verkleind: „Wij zijn nog steeds een goede kandidaat en een veilige optie.”

KNVB-directeur Harry Been stelde zelfs „meer dan tevreden” te zijn met de beoordeling. „De kritiekpunten zijn voor ons niet nieuw en er staat meer dan voldoende positiefs tegenover.”

Op 2 december beslist het uitvoerend comité van de FIFA waar de WK’s van 2018 en 2022 zullen worden gespeeld. Of ze daarbij veel gewicht zullen toekennen aan het inspectierapport, is de vraag. Of de geheime stemming eerlijk zal verlopen ook. Vorige maand stelde de FIFA een onderzoek in na onthullingen over omkoping in de Britse krant The Sunday Times. Twee leden van het uitvoerend comité hadden voor de verborgen camera onderhandeld over de verkoop van hun stem.

En de omkoopaffaire is niet het enige schandaal dat wordt onderzocht. Morgen zal de FIFA ook bekendmaken wat er waar is van geruchten dat verschillende kandidaten verboden stemafspraken hebben gemaakt. Zo zouden Spanje en Portugal, kandidaat voor 2018, een stemmenruil heben afgesproken met Qatar (kandidaat voor 2022). Andere combinaties die in de wandelgangen worden genoemd zijn die tussen de VS en Engeland, en Australië-Rusland.

Of de Nederlands-Belgische kandidatuur tussen dit geweld kans maakt, is ongewis. Volgens insiders hoopt Nederland dat de combinatie Spanje/Portugal in de eerste stemronde afvalt. Mogelijk zullen de Zuid-Amerikaanse landen, die in de eerste ronde op Spanje hebben gestemd, daarna voor de Lage Landen kiezen. Om dat te bereiken, trappen Been en Gullit deze week een balletje in Brazilië.