Ier niet koppig, maar soeverein

Nee, wij hebben jullie hulp niet nodig, claimt de Ier. Nou, dat bepaal ik liever zelf, zegt de EU. En dus sturen de Eurolanden een onderzoeksteam naar Dublin om de financiële problemen in kaart te brengen.

“De Ierse houding is geen koppigheid”, zegt Titia Ketelaar, Groot-Brittannië-correspondent van NRC en net terug uit Ierland. “Het is ook geen verkeerde vorm van trots of zelfs van anti-Europese gevoelens. Het gaat om soevereiniteit; een woord dat vrijwel alle Ieren op dit moment gebruiken. Want wat geeft bankiers in Londen of Frankfurt, en politici in Parijs en Brussel het recht beleid in Dublin te bepalen?”

Met de Paasopstand in het achterhoofd
Waarom de Ieren Europese steun afhouden? “We hebben hard gevochten voor onze onafhankelijkheid”, zegt Hugo Hamilton, die vaak schrijft over de Ierse identiteit. “De Paasopstand is nog steeds in onze gedachten: die leidde uiteindelijk tot onafhankelijkheid. Onze angst is dat er elders beslissingen zullen worden gemaakt die ons uiteindelijk van onze vrijheid zullen beroven. Aan hulp zitten altijd voorwaarden vast.”

Ketelaar: “Ierse ministers zeggen echter dat niet om hulp vragen een financiële beslissing is, geen emotioneel-historische. Of zelfs een politieke: premier Cowen weet dat als hij de Europese financiële ondersteuning accepteert, het einde van zijn coalitie nabij is. Hij heeft slechts een meerderheid van drie zetels in de Dáil.”

Het is ironisch, meent Iers historicus Dairmaid Ferriter. “De belofte van de Paasopstand was dat we ons eigen land beter konden besturen dan de Britten, dan anderen. Een einde aan de honger en armoede. Een Ierse regering zou ons welvaart brengen. Dat die welvaart er even was en nu door eigen onkunde is verspeeld, is gênant. Vooral omdat we niemand anders de schuld kunnen geven dan onszelf. Maar het idee dat we de controle over ons eigen land verliezen, is nog erger.”