Het charmeoffensief van de guerrillera uit Denekamp

Scene uit de documentaire Tanja en haar Verhaal Tanja Nijmeijer

Alexandra vindt aap wel lekker, het smaakt als kip. Ook anderszins lijkt zij perfect te zijn geassimileerd in de jungle. Zelfs haar oude naam, Tanja Nijmeijer, heeft ze afgeschaft.

We weten alleen niet zeker of ze nog leeft, na het bombardement door het Colombiaanse leger op een FARC-kamp in augustus, dat zeker haar commandant Mono Jojoy het leven kostte.

De laatste tijd duiken steeds opnamen op die eerder dit jaar van haar werden gemaakt. Daar bestaat uiteraard meer belangstelling voor dan wanneer het om bijvoorbeeld een Spaanse jongeman zou gaan die zich bij de guerrilla aangesloten had.

Ze werd geïnterviewd door de Colombiaanse journalist Jorge Botero. Volgens filmmaker Leo de Boer en hulpverlener Liduine Zumpolle, die voor een eerdere film in Colombia vergeefs op zoek gingen naar voorheen Tanja, onderhoudt Botero goede contacten met de FARC en is hij ook dol op geld. Dat kreeg hij onder meer van de Wereldomroep, die interesse had voor zijn unieke beelden, verzameld in het kader van een documentaire over Jojoy.

Gisternacht zond de IKON nog veel meer materiaal uit, gemonteerd door de Wereldomroep tot de documentaire Tanja en haar verhaal. Er zitten wat beelden in uit haar oorspronkelijke woonplaats Denekamp, we zien flarden van het dagelijks leven in het oerwoud en er zijn twee keurige titelkaarten. De eerste maakt duidelijk dat de FARC een twijfelachtige reputatie geniet, de laatste spreekt het vermoeden uit dat er in de documentaire het een en ander werd geënsceneerd.

Voor het overige is het resultaat pure propaganda voor de FARC en zijn idealen. In Nieuwsuur (NTR/NOS) stelde Botero gisteren niet te geloven dat Tanja door de organisatie naar voren is geschoven om public relations te bedrijven, want dan zouden ze dat al veel eerder hebben kunnen doen. Het is een zwak argument, want de film is zichtbaar niets anders dan een charmeoffensief.

Met succes, dat valt evenmin te ontkennen. Tanja/Alexandra spreekt met pretlichtjes in de ogen en soms zelfs met gevoel voor humor over de lange weg van Denekamp naar revolutionaire verlichting. Gestoken in uniform omklemt ze met de linkerarm een wapen met de loop naar boven. Zelfs als ze danst, bungelt het over haar schouder.

Ze zegt niet in Nederland te zijn geronseld, maar als lerares Engels, „zonder progressieve inzichten”, in de Colombiaanse stad Pereira te zijn geradicaliseerd. Bij terugkeer in Nederland ging ze actievoeren met de Internationale Socialisten: „Ik dacht: als ik hier ga werken, blijf ik in Nederland. Dan koop ik misschien een huis, krijg ik een man, drie kinderen. Maar de revolutie zal in Colombia zijn.” En dat betekent: dood of de overwinning.