Telkens iets nieuws proberen

Sinds twee weken is Een zondagsman, het debuut van Daan Heerma van Voss uit.

„Ik vond een boek schrijven beangstigend. Ik ga ook niet zomaar een huis bouwen.”

Daan Heerma van Voss is pas 24, maar heeft al zijn eigen uitgeverij opgericht, samen met twee anderen: Babel & Voss. Om wat leven in de literaire brouwerij te brengen en als statement tegen uitgeverijen die steeds commerciëler te werk gaan en hun cultureel-maatschappelijke functie veronachtzamen.

Dat klinkt nogal hoogdravend voor een student van 24. Maar zo is het niet bedoeld. De eerste en enige uitgave verscheen in september: Wat we missen kunnen, een manifest tegen de overdaad. Met bijdragen van onder meer Arnon Grunberg, Kees van Kooten, Felix Rottenberg, Allard Schröder, Jan Jaap van der Wal, Joost de Vries en Heerma van Voss zelf. Sinds twee weken ligt Een zondagsman in de winkel, het verhaal over een psychiater, die ooit succesvol was en uitgenodigd werd in Buitenhof. Met zijn carrière is het bergafwaarts gegaan tot hij nog maar één patiënt heeft. Als zijn echtgenote in een coma raakt, probeert hij greep op zijn leven te krijgen. Heerma van Voss heeft zich op knappe wijze ingeleefd in de belevingswereld van een nostalgische oudere man, die zijn leven langzaam ziet rafelen.

Wilde je altijd al schrijver worden?

„Nee. Ik heb er simpelweg nooit over nagedacht. Ik was wel altijd al bezig met lezen en schrijven. Ik las veel en noteerde dingen op servetjes die ik vervolgens weer kwijtraakte. Vorig jaar heb ik voor de Groene Amsterdammer een serie dubbelinterviews gemaakt. Pas toen dacht ik: schrijven is niet alleen voorbehouden aan de grote geesten. Ik heb daarna twee langere verhalen geschreven, voor mezelf, maar die waren eerlijk gezegd vrij matig.”

Waarom wilde je dit boek schrijven?

„Begin vorig jaar lag mijn vriendin even in het ziekenhuis. Voor iets heel anders dan in de roman overigens. Doordat ik daar vaak kwam, kreeg ik oog voor de macht van het ziekenhuis, voor hoe dokters in demonen en in goden kunnen veranderen, voor hoe levens in het niets kunnen oplossen. Toen ik een half jaar later zes weken vrij had tussen twee studiesemesters in, dacht ik: nu ga ik het proberen. Zes weken later was het boek af.

„Veel mensen verbazen zich erover dat de hoofdpersoon een oude man is. Maar het was een personage dat mij toen het meest lag. Ik heb een hekel aan twintigers die schrijven over verveling, coke snuiven en masturberen. Dat kan bijna niemand goed, ik ook niet. Maar in deze man kon ik veel van mezelf kwijt: taalgebruik, manier van denken. Weemoedig en nostalgie zijn me niet vreemd, terwijl ik verdomme pas 24 ben. Al ben je nooit jong genoeg om te weten hoe het voelt om ouder te worden.”

Vond je het moeilijk om voor het eerst een roman te schrijven?

„Ik vond het wel een beangstigend idee, het is wel iets wat je moet kunnen. Ik ga ook niet zomaar een huis bouwen. Maar ik heb het zo snel gedaan, dat ik geen tijd had voor de vraag of ik het wel kon. Ik ben gewoon elke dag van ’s ochtends tot ’s avonds gaan schrijven. De plot, de man en zijn stem zaten wel in mijn hoofd, de rest is intuïtief gegaan.”

Hoe heb je een uitgever gevonden?

„De interviews die ik voor de Groene Amsterdammer schreef, werden door de buitenwacht goed ontvangen. Bij Atlas zeiden dat ik langs kon komen als ik fictie had geschreven. Toen het manuscript voltooid was, heb ik het ingeleverd. Ik hoefde maar een paar kleine dingen aan te passen.”

Hoe zijn de reacties tot nu toe?

„Ik heb goede reacties gekregen, ook van zogenaamde kenners, en een paar enthousiaste internetrecensies. Maar nog geen recensie in een grote krant of tijdschrift. Het boek is ook pas twee weken uit. De voortekenen zijn in ieder geval goed. Ik denk dat het goed genoeg is om opgepikt te worden, maar je moet ook een beetje geluk hebben. Er verschijnen zoveel boeken en die van mij is niet een van de meest schreeuwerige.”

Wil je meer romans gaan schrijven?

„Ik wil het wel proberen, maar niet ten koste van alles. Ik zou het erger vinden om iets te publiceren waar ik niet helemaal achter sta, dan om niets te publiceren. Ik heb wel al een min of meer concreet idee voor een volgend boek. Ik wil kijken of ik nu wel over iemand van mijn leeftijd kan schrijven. In elk nieuw boek moet je iets proberen wat je daarvoor nog niet kon of durfde. Wat dat betreft is P. F. Thomése een held. Hij is de enige Nederlandse schrijver die elk boek in een andere stijl kan schrijven. Ik kan dat niet, maar ik kan er wel naar streven.”

Daan Heerma van Voss: Een zondagsman. Atlas, 176 blz. € 18,50