Kritiek op 3,4 mln jaar oude snijsporen

Snijsporen op twee 3,4 miljoen jaar oude botten zijn te onbetrouwbaar om de conclusie te trekken dat al Australopithecus afarensis dieren slachtte en vlees at. Deze conclusie over zo vroeg gedateerd vlees eten door menselijke voorouders leidde afgelopen zomer tot veel opzien en ook al tot veel kritiek. Tot dan toe waren de oudste snijsporen 2,6 miljoen jaar oud, en waarschijnlijk afkomstig van de vroegste leden van het geslacht Homo.

Drie onderzoekers oordelen deze week in de Proceedings of the National Academy of Sciences (early edition online) dat de twee botten met krassen, afkomstig uit Dikika (Ethiopië) te sterk verweerd zijn om zulke belangrijke conclusies op te baseren. Ook bestrijden zij dat sommige sporen V-vormig zijn, zij zien er meer een U-vorm in. Die V-vorm was een belangrijk argument voor de snijhypothese. Een zwak punt in hun kritiek is dat zij zich baseren op foto’s van de fossielen. Een andere felle criticus van de snijsporentheorie, de Amerikaan Tim White die ook meewerkte aan de voorbereiding van dit onderzoek, had overigens wel toegang tot fossielen en dat heeft zijn mening niet veranderd.