Er is vlees genoeg, alleen voor wie?

Vandaag begint het Offerfeest. Het dier gaat in drieën: voor eigenaar, familie en behoeftigen elk een deel. Maar de vraag naar het vlees neemt af.

16-11-2010, Rotterdam. Offerfeest. Bezorging lam op de Hillevliet. Foto Bas Czerwinski

Kasim Durmaz haalt een vers geslacht lam uit de achterbak van zijn Volkswagenbusje. Het bloed druipt uit de plastic verpakking. Durmaz is lasser, vandaag is hij vrij. Vanmorgen slachtte hij dertien dieren in een slachterij in Ouddorp. Hij heeft een slachtvergunning. Elke keer voor hij de keel doorsneed, zei hij de naam van degene die het lam had besteld voor het offerfeest. Het feest begint vandaag en duurt drie dagen. Nu brengt hij samen met zijn drie zoons de lammeren rond. Eén lam houden ze zelf.

Je moet het offerdier zien als een kerstboom: zonder is het feest nauwelijks denkbaar. Suleyman Isik helpt de slager in slagerij Nasip in Rotterdam Crooswijk en legt het uit. „Het dier mag een koe zijn of een kameel, een schaap of een geit. Het moet een groot dier zijn. Een kip of vis mag niet. Het dier moet ten minste één jaar oud zijn.” Zelf heeft hij een schaap besteld als offerdier. „Als je je het kunt veroorloven, dan moet het. Ik ben dertig en heb een inkomen.”

Het offerfeest gaat over het delen met anderen. Het offerdier gaat in drieën. Een deel is voor de eigenaar, een deel is voor vrienden en familie, het derde deel moet worden weggeschonken aan de armen.

Maar hoe vind je de armen?

Dat is inderdaad een probleem, zegt Suleyman Isik. „In Turkije en Marokko is dat makkelijk. Daar kent iedereen wel een arme familie. Maar hier in de stad waar mensen hun buren nauwelijks kennen, is dat moeilijker.”

Kasin Durmaz kent in zijn woonplaats Spijkenisse wel mensen die weinig geld hebben, en heel blij zijn met acht tot tien kilo vlees. Suleyman Isik weet het nog niet. Als dat morgen nog steeds zo is, kan hij het vlees doneren aan de vleesinzameling.

Abdel Abali organiseert een vleesinzameling via een Nederlands-Marokkaanse netwerkorganisatie. Moslims kunnen vanaf de tweede offerdag vlees inleveren bij de aangesloten slagerijen. Die sluizen het door naar mensen in asielzoekerscentra, daklozenopvang en de voedselbanken. Het vlees is bestemd voor alle behoeftigen, niet alleen voor moslims. Al komt het wel mooi uit dat de voedselbanken dan halalvlees kunnen uitdelen, zegt Abali. Turkse moslims organiseren al langer vleesinzamelingen.

Vooral jongere moslims hebben niet altijd zin een offerdier aan te schaffen. Wat moet je met al dat vlees. En het is nog duur ook. Een lam van 25 kilo kost al snel 225 euro. Zij doneren vaak geld aan een goed doel. Slachterijen merken dat aan een terugloop van klanten. Tien tot vijftien procent minder dan vorig jaar. Steeds vaker kopen families samen een offerdier.

Naast het gebed vanmorgen in de moskee, bestaat het offerfeest vooral uit familiebezoek. Kasim Durmaz komt uit een gezin met tien kinderen en die worden allemaal bezocht. De oudste als eerste, de jongste als laatste. Gewoon lekker eten en kletsen.

Imad Saadmalek bezoekt met zijn gezin eerst zijn moeder en dan zijn schoonmoeder. Daarna komt de rest van de familie. „Vier of vijf bezoekjes moet lukken.”

Hij snelt naar huis met twee grote pakketten. Een speelgoeddrumstel voor zijn zoontje van vier en een poppenbadje voor zijn dochtertje van twee. Tijdens het offerfeest worden de kinderen verwend. Hij heeft een lam besteld dat wordt thuisgebracht door een vriend. Weer een andere vriend kent behoeftigen voor het deel dat weggeschonken moet worden, dus dat is ook geregeld.