Wat Wilders ook doet, hij moet het zelf oplossen

Meerderheid coalitie staat op het spel

De coalitie van VVD en CDA heeft dankzij de gedoogsteun van de PVV de kleinst mogelijke meerderheid: 76 zetels. En nu blijkt één van die zetels bezet door een omstreden ex-militair.

Wie zit aan het einde van de week op de 76ste zetel van de regeringscoalitie? PVV-leider Geert Wilders en premier Mark Rutte zouden ongetwijfeld graag willen dat het Ino van den Besselaar uit Zoetermeer is. De 63-jarige nummer 25 van de PVV-lijst lijkt precies de man te zijn die de coalitie nodig heeft: hij heeft een laag risicoprofiel. Na een periode bij het ministerie van Sociale Zaken werkte hij jarenlang voor de bouwwerkgevers in Bouwend Nederland, waarvan CDA’er Elco Brinkman voorzitter is. Op de PVV-site zegt Van den Besselaar dat de PVV een partij is met „een hart voor de mensen die het niet cadeau krijgen”. Hij is niet iemand van wie je verwacht dat er meteen gevoelige onthullingen over komen. Al weet je het natuurlijk nooit.

Of zit toch nog Eric Lucassen op die plek? Over de ex-militair werd donderdag bekend dat hij voor ontucht is veroordeeld. Een dag eerder waren voormalige buurtgenoten van hem uit Haarlem naar buiten gekomen met verhalen over intimiderend en dreigend gedrag van de PVV’er.

Uit de paar zinnen die Geert Wilders vorige week publiekelijk over de kwestie-Lucassen sprak, viel op te maken dat hij niet wist dat Lucassen in 2002 veroordeeld is. Wilders zei namelijk dat hij geen geld had om dure bureaus in te schakelen om zijn kandidaten te screenen. Daardoor is hij een half jaar na de verkiezingen met deze lastige kwestie geconfronteerd. Wilders moet het nu zelf oplossen. Dat verwachten coalitiegenoten VVD en CDA van hem. Premier Rutte zei vrijdag dat „Geert Wilders bezig is dit probleem goed aan te pakken”.

Welke opties zijn er voor Wilders, Lucassen en de coalitie?

Wilders zal Lucassen de afgelopen dagen geprobeerd hebben te overtuigen de eer aan zichzelf te houden, want hij heeft de PVV danig in diskrediet gebracht. Eerder kwamen andere PVV’ers in opspraak, zoals Dion Graus met verhalen over mishandeling en stalking, en Hero Brinkman die in perscentrum Nieuwspoort een barman zou hebben geslagen. Het is van een andere orde dan Lucassen, want die heeft een veroordeling aan zijn broek gekregen.

Lucassens vertrek uit de politiek is het beste voor Wilders en zijn samenwerkingspartners VVD en CDA. De PVV-leider toont dan dat hij de kwestie daadkrachtig heeft geregeld.

Lucassen kan bij zijn vertrek twee jaar wachtgeld tegemoet zien. Dat is een financiële tegenvaller voor hem, want elke dag dat hij langer dan twee jaar in de Kamer zit, krijgt hij langer wachtgeld. Maar blijven zou de coalitie op het spel zetten. En als er zelfs versnelde verkiezingen zouden komen, dan krijgt Lucassen ook maar twee jaar wachtgeld. Dat argument zou Wilders gebruikt kunnen hebben in de vele uren die de twee inmiddels met elkaar hebben gesproken. Of zou er een geheim potje of geld van een suikeroom zijn waarmee Lucassen afgekocht is? Die suggestie is waarschijnlijk te wild. Wilders klaagde juist vrijdag dat hij te weinig geld heeft.

Aan dit scenario kleeft één blijvend risico. Als er opnieuw een PVV’er opstapt, kan Lucassen weer aanspraak maken op zijn zetel. Want zo is de regel: elke keer als bij een partij een zetel vrijvalt, moet die aan de hoogste op de lijst worden aangeboden. Zo heeft ook Jack de Vries – die uit de landelijke politiek vertrok na een affaire met een onderschikte – de kans binnenkort terug te kregen. Hij stond 15de op de lijst van het CDA en zinspeelde al op een terugkeer.

Wilders en Lucassen zouden overeen kunnen komen dat de ex-militair gewoon blijft, met bijvoorbeeld een uitvoerige publieke verontschuldig. Dat deed Hero Brinkman eigenlijk ook. Hij erkende een drankprobleem te hebben en daar korte metten mee te maken. Dat hij de barman had geslagen, ontkende hij. Er was een kleine schermutseling geweest, meer niet.

Dat laatste kan Lucassen natuurlijk niet zeggen. Hij is immers veroordeeld. Deze optie tast daarom de geloofwaardigheid van Geert Wilders aan. Als hij over een bewindspersoon met een dubbel paspoort hard oordeelt, kan de man van law and order niet mild zijn voor een partijgenoot die over een veroordeling heeft gezwegen, ook al is het omwille van de politieke vrede met coalitiegenoten. Ook voor Rutte is dit geen fijne optie, omdat het slagen van zijn regeringsbeleid dan afhangt van een van ontucht veroordeelde ex-militair. Rutte en Wilders kunnen wel verwijzen naar de formele regels: iemand die ooit veroordeeld is, kan gewoon volksvertegenwoordiger worden.

Het horrorscenario voor Wilders en de coalitiepartijen is dat Lucassen uit de PVV stapt, maar aan zijn Kamerzetel vasthoudt. VVD, CDA en PVV hebben dan geen Kamermeerderheid meer.

De opdracht die koningin Beatrix aan informateur Ivo Opstelten gaf, was dat er een coalitie van VVD en CDA geformeerd moest worden met gedoogsteun van de PVV die op „een vruchtbare samenwerking” kon rekenen met de Staten-Generaal. Formeel hoeft het uittreden van Lucassen uit de PVV geen directe consequenties te hebben. Zolang de Tweede Kamer geen motie van wantrouwen aanneemt, is sprake van vertrouwen en in beginsel dus ook van vruchtbare samenwerking.

Maar dit scenario levert geen fraai beeld op voor het kabinet-Rutte. Het fundament van de gedoogconstructie oogt al niet zo sterk. Dan wordt de coalitie, met name voor maatregelen uit het gedoogakkoord, afhankelijk van de stem van Lucassen. Hij krijgt daarmee grote macht. De politiek assistenten van de ministers, die als taak hebben met de coalitiefractie zaken af te stemmen, krijgen het dan drukker. Ze moeten ook met Eric Lucassen zaken doen. En de in de achterkamers geregelde informele steun van de SGP zal vaker aangesproken moeten worden, zeker als niet iedereen bij stemmingen aanwezig is.

Elke nieuwe kwestie met afwijkend gedrag van Kamerleden van een coalitiepartij kan bij uittreding van Lucassen sneller tot problemen leiden. Zo zijn er een paar CDA’ers die nog altijd een risico vormen. En er is Marcial Hernandez, de PVV’er die kans loopt strafrechtelijk vervolgd te worden om uitdelen van een kopstoot.