Tengere schouders

Een militaire dictatuur installeren is gemakkelijker dan haar opheffen. In Birma bestaat die al bijna een halve eeuw, ondanks de democratische schijnbewegingen van de militaire leiders van het land en het onafgebroken politieke verzet ertegen. Het goede nieuws over de vrijlating van oppositieleidster Aung San Suu Kyi kan dan ook alleen met grote onzekerheid een begin van verandering worden genoemd; de vijftig miljoen Birmezen leven nog altijd in onvrijheid in een economisch geruïneerd en politiek geïsoleerd land. De vrijlating, evenals de geënsceneerde verkiezingen van vorige week, zijn dan ook vooral een bewijs van zelfvertrouwen van het militair bestuur. Dat heeft zijn invloed de afgelopen twee jaar stevig verankerd in de grondwet. Zo is het volgens zijn eigen interpretatie van de democratische beginselen immuun voor vervolging, heeft het zich het recht toegeëigend om elke democratische beslissing ongedaan te maken en wijst het een kwart van alle parlementariërs aan: voldoende voor een veto op wijzigingen van de grondwet.

Veelzeggend is ook de verankering in de grondwet van een Nationale Raad voor Defensie en Veiligheid. Die lijkt verdacht veel op de Nationale Raad voor Vrede en Ontwikkeling, de naam die de junta zichzelf heeft toebedeeld. Een goede indicator voor de politieke intenties van die nieuwe raad zijn de meer dan tweeduizend politieke gevangenen die nog altijd zitten opgesloten.

Belangrijke voedingsbodem voor het zelfvertrouwen van de militaire top is de goede verstandhouding met China. Dat land, dat grote militaire en economische belangen heeft in Birma, steunt de junta als geen ander. Daardoor ondervindt die maar weinig directe schade van de sancties uit het Westen – die raken vooral de bevolking. Het einde van het regime ligt daarom voor een belangrijk deel in handen van China. Maar dat is inmiddels groot en onaantastbaar en ver buiten het bereik van druk uit het Westen. Bovendien is het onwaarschijnlijk dat de ene dictatuur opheffing van de andere zou wensen. Zo rust alle hoop op de tengere schouders van Aung San Suu Kyi. Een heel gewicht voor één enkel mens.

Floris-Jan van Luyn