Retour Den Haag-Brussel

VVD’ers lachen zich door partijcongres

Een middag lang speeches en slechts één keer viel het woord ‘PVV’, in een bijzin van de partijleider. Het woord ‘islam’ viel zelfs niet één keer, laat staan de naam van de man die de coalitie momenteel aan het wankelen brengt, PVV’er Eric Lucassen.

Uit alles bleek zaterdag op het partijcongres van de VVD, dat Nederlands grootste partij even geen interne discussie wil. De 1.500 aanwezige leden – een record – werden getrakteerd op peptalk en grappen.

En het moet gezegd, op VVD-congressen wordt gelachen, meer dan op andere partijcongressen. Het liefst om grapjes die ten koste gaan van potverterende socialisten. En flauw mag het zijn. Wat heet. Met de mop die de beoogd voorzitter van de Eerste Kamerfractie Loek Hermans vertelde, belandde het congres op de bodem van de VVD-humor.

„Ik kwam laatst in een boekhandel”, zei Hermans. „Ik vroeg: waar vind ik een boek over het kabinet-Cohen I? Het antwoord: Op de tweede verdieping. Bij de sprookjes.” De hele zaal lachte. (PvO)

PVV’ers sluiten de rijen weer

Dat overkomt hem niet vaak: PVV-partij-ideoloog Martin Bosma kreeg afgelopen woensdag een tik op de vingers – van zijn partijgenoot Harm Beertema.

De Kamer debatteerde bij de behandeling van de onderwijsbegroting onder meer over de ‘acceptatieplicht’: de plicht van scholen kinderen in te schrijven als de ouders aangeven dat ze de grondslag van de school ‘respecteren’. Dit is een gevoelig punt voor de christelijke partijen, die menen dat het strijdig is met artikel 23 van de grondwet, dat de vrijheid van onderwijs garandeert.

Bosma had die woensdag in een interview in het Nederlands Dagblad gezegd dat de PVV tegen de acceptatieplicht is. Daarover zei Beertema: „De heer Bosma heeft wat mij betreft wel een klein beetje voor zijn beurt gesproken.” Andere partijen renden naar de interruptiemicrofoon: „Wie is nu de werkelijke woordvoerder onderwijs bij de PVV?”, vroeg Joël Voordewind van de ChristenUnie. De fractie moest zich nog over het onderwerp beraden, zei Beertema. Dat beraad volgde kennelijk onmiddellijk, want donderdag waren de plooien al gladgestreken: „De PVV vindt dat een acceptatieplicht zich niet verhoudt met artikel 23”, zei Beertema in de tweede termijn van het debat. „Dat wil ik nog wel even vermeld hebben.” (BF)

Wil de leider van het CDA opstaan?

Wie is CDA-partijleider? Na het verkiezingsdebacle in 1994 concludeerde de partij dat de fractievoorzitter dit was. Toch tooide Jan Peter Balkenende zich als premier met de titel partijleider. Wie is het nu? Hij is er niet, zei waarnemend partijvoorzitter Liesbeth Spies bij de presentatie van al weer een kritisch evaluatierapport. De lijsttrekker is bij het CDA de leider, maar met het vertrek van Balkenende is die er niet meer. Ooit introduceerde VVD het begrip duolisme toen men niet wist of de fractievoorzitter of de vicepremier dat moest zijn. Het CDA heeft een partijvoorzitter, een fractievoorzitter en een vicepremier. Dat wordt dus triolisme. (MK)

Bijdragen: Bart Funnekotter, Pieter van Os, Mark Kranenburg