Met nieuw kiessysteem geen ‘Groep Lucassen’

De affaire-Lucassen, die kan uitlopen op een ‘Groep Lucassen’ laat een belangrijke onevenwichtigheid in ons kiessysteem zien: men stemt op een lijst, maar de gekozenen claimen een persoonlijk mandaat.

Er is een remedie. In de wet moet de partij geregeld worden als een aparte rechtsfiguur, een vereniging naar burgerlijk recht, maar toegerust met kiesrechtelijke elementen. De wet stelt minimumeisen aan de interne democratie. ‘Bewegingen’ zonder leden en ‘verenigingen’ met één lid mogen niet meer. Stemmen kan voortaan niet meer op een ‘lijst’ of als ‘voorkeursstem’ maar alleen op een partij. De partij maakt zelf uit wie zij in beginsel zal afvaardigen op de verkregen zetels en maakt dat ook bekend. Het is het toegestaan om leden te wisselen om op veranderende omstandigheden, langdurige afwezigheid en ziekte te kunnen reageren. De partij krijgt het terugroepingsrecht, na royement. Bij voordracht voor royement kan de gekozene zich beroepen op de interne democratie van de partij en na royement kan hij beroep instellen bij de bestuursrechter. Maar dan uitsluitend op grond van schending van de wet of het (interne verenigings)recht; een marginale toetsing: de rechter beslecht geen politieke geschillen en maakt geen politieke keuzen.

Aldus wordt duidelijk op wie of wat men stemt: de partij. En verdwijnt de onwerkbare fictie van het persoonlijk mandaat, worden conflicten tussen partijen en de namens die partijen zittende volksvertegenwoordigers eenvoudig opgelost en wordt het democratisch gehalte van de partijen gewaarborgd. Ook aan de eindeloze versnippering in de vertegenwoordigende lichamen in fracties en ‘groepen’ van soms maar één persoon, komt een einde.

O.L.E. Jongmans

Voormalig bestuurs- en staatsrechtelijk beleidsmedewerker bij de Hoofddirectie van de Waterstaat van het het ministerie van Verkeer en Waterstaat.