Kernenergie? Wij zeggen nee

Als er straks óók nog kerncentrales bij komen, is er geen ruimte meer voor duurzame energie.

Windenergie is over een paar jaar al concurrerend.

Wij zijn tegen kernenergie. Wij zijn de anti-kernenergiebeweging.

We bestaan uit een verzameling van actiegroepen, milieuorganisaties en bezorgde burgers. Wij zullen ons met hand en tand verzetten tegen de komst van nieuwe kerncentrales in Nederland, en zijn ons aan het beraden wat voor acties we kunnen gaan opzetten. Uit enquêtes blijkt dat ongeveer dertig procent voor kernenergie is, dertig procent is tegen en de rest weet het niet. Die rest moeten we zien te overtuigen.

Wij willen geen kernenergie omdat daar eenvoudigweg te veel risico’s aan kleven. We willen juist een snelle omschakeling naar een duurzame samenleving. Helaas gebeurt nu het omgekeerde. Er staan zoveel nieuwe gas- en kolencentrales gepland voor de komende jaren. Dat zorgt al voor een grote overcapaciteit. Als er straks ook nog kerncentrales bij komen, is er helemaal geen ruimte meer voor duurzame energie. En dan zullen we de door Brussel opgelegde doelstelling voor duurzame energie – 14 procent van het totale verbruik in 2020 – nooit halen.

Kernenergie heeft veel subsidie nodig. Alleen heet het dan anders: staatsgaranties. Maar het komt op hetzelfde neer. De kerncentrale die in Finland wordt gebouwd – van het Franse type EPR – zou 4 miljard euro kosten. Maar de bouw ligt inmiddels drie jaar achter op schema, waardoor de kosten bijna zijn verdubbeld. De Franse staat, die in dit geval een garantie heeft gegeven, mag die extra miljarden ophoesten. Dat de bouw in Nederland straks sneller zal verlopen, omdat we tegen die tijd veel geleerd hebben van de bouw van deze eerste twee nieuwe kerncentrales in Finland en Frankrijk, daar geloven we niks van. De Nederlandse staat loopt een groot financieel risico als ze onder druk van de industrielobby instemt met een garantie.

Het is niet bekend hoe veilig kernenergie is. Dat met het nieuwste type kernreactor maar eens in de miljoen jaar een ongeluk kan gebeuren, is een theoretisch getal. We hebben nog geen ervaring met kerncentrales van generatie III. In Duitsland zijn de afgelopen jaren verschillende incidenten geweest met bestaande kerncentrales. Er zijn er een paar stilgelegd.

Verder zijn er grote problemen aan het licht gekomen met de opslag van 126.000 vaten kernafval in de zoutmijn bij het plaatsje Remlingen. Daar is de bodem onverwachts gaan schuiven. Zo komen er steeds weer nieuwe voorbeelden van gevaren bij.

De kans op misbruik van opgewerkt plutonium is miniem, omdat het Internationale Atoomagentschap een streng internationaal controlesysteem heeft opgezet, maar afgelopen week bleek wel dat er vanuit België de afgelopen vijf jaar twee keer illegaal nucleair materiaal is getransporteerd naar Iran. En dan is er nog de dreiging van een mogelijke terroristische aanslag op een kerncentrale. De risico’s kunnen dan klein zijn, maar als het mis gaat zijn de gevolgen meteen enorm groot. En wie kan daar voor opdraaien? De burgers. De zware industrie en de grote energiebedrijven wentelen zoveel mogelijk kosten af op de samenleving.

Windenergie is goedkoper. Het hoeft niet lang meer gesubsidieerd te worden. Op land zijn de molens over een paar jaar concurrerend. En er is nog plek genoeg. In de Eemshaven bijvoorbeeld, op de Maasvlakte. Daar vervuilen ze het landschap ook niet.

Windmolens op zee zijn nu nog duurder, maar over tien, vijftien jaar zijn ook die concurrerend. Dit is voor Nederland een veelbelovende sector, zo blijkt uit verschillende studies. Datzelfde geldt voor biomassa en zonne-energie. Die sectoren moeten we nu steunen, anders verliezen we het van de Duitsers, de Denen of de Chinezen.

Dat de wind niet altijd waait, klopt. Maar daar zijn oplossingen voor. Zo heeft netbeheerder Tennet een dikke kabel op de bodem van de Noordzee naar Noorwegen gelegd. Daarmee kunnen we schone elektriciteit uit waterkracht importeren. Er liggen plannen voor een tweede kabel naar Noorwegen. Daarmee hebben we een stevige buffer aan stroom – in totaal 1.400 megawatt, evenveel als een kerncentrale. Maar wel veel goedkoper – de twee kabels kosten samen naar schatting 1,5 miljard euro, tegen 4 tot 5 miljard euro voor een nieuwe kerncentrale.

Drie jaar geleden heeft adviesbureau CE Delft een studie uitgevoerd in opdracht van vakbonden FNV en Abvakabo, en milieuorganisaties Greenpeace, Natuur en Milieu, het Wereld Natuurfonds en Milieudefensie. Daaruit blijkt dat het mogelijk is om onze CO2-uitstoot in 2030 te halveren ten opzichte van 1990, en we besparen fors op fossiele brandstoffen, als we stevig inzetten op energiebesparing, windmolens, biomassa, opslag van CO2, zonne-energie.

Wat dat kost?

Netto tweehonderd euro per huishouden per jaar extra. Is dat nou zoveel?