Hoofdklasse vraagt meer

De hockeyers van Tilburg behaalden tegen HDM de eerste seizoenszege.

Coach De Jager tracht van de vele nieuwelingen in het team hoofdklassespelers te maken.

De hockeyers van Tilburg vielen elkaar gisteren dolblij in de armen. Tegen het gepromoveerde HDM behaalde het team van Kai de Jager (33) de eerste overwinning van het seizoen. Tien minuten voor tijd benutte Tilburg-speler Kewali Zonneveld een strafbal. „Een mentale opsteker”, aldus de coach. Op de strafbal na, creëerde de thuisploeg echter nauwelijks kansen. „De spitsen komen van ver. Zij moeten nog stappen maken voordat het volwaardige hoofdklassespelers zijn”, reageert De Jager. Ondanks de zege blijft Tilburg met twee punten achterstand op HDM steken op de laatste plaats.

Met vijftien nieuwe spelers wist De Jager, die vorig seizoen in Tilburg zijn debuut maakte als hoofdklassecoach, aan het begin van het seizoen al dat het een moeilijk jaar zou worden. Tilburg besloot in eerste instantie dat de buitenlandse hockeyers plaats moesten maken voor Nederlanders. „Vervolgens stopte echter een aantal jongens van de Nederlandse kern. Daardoor moesten we alsnog spelers uit het buitenland halen. Andere jongens zagen het niet zitten om weer met buitenlandse hockeyers in een team te spelen en vertrokken ook. Daarom staan er nu veel spelers op het veld die vorig seizoen nog in de overgangsklasse uitkwamen en een aantal jonge jongens.”

De Jager, die zelf zes jaar lang uitkwam voor Tilburg op het hoogste niveau, heeft niet het idee dat het massale vertrek aan het eind van vorig seizoen zijn schuld is geweest. „Ik heb met bijna alle jongens gesproken nadat ze hadden besloten om te stoppen bij Tilburg.” Het vertrek van Hugo van Mol, die koos voor overgangsklasser Push, rekent de coach zich wel persoonlijk aan. „In een belangrijke wedstrijd tegen Hurley heb ik hem vorig seizoen niet laten spelen terwijl ik dat wel had moeten doen. Maar goed, als coach maak je ook fouten. Hugo gaf aan dat mijn keuze van toen meespeelde bij zijn besluit om te vertrekken, dat is jammer.”

De coach denkt dat zijn huidige team op termijn goed mee kan in de hoofdklasse. „Je kunt van hockeyers die drie jaar in de overgangsklasse hebben gespeeld niet verwachten dat zij in drie maanden uitgroeien tot volwaardig hoofdklassespelers. Daar gaat tijd overheen. Dat is een proces met pieken en dalen. Elke wedstrijd stijgt het niveau een klein beetje. Het is een feit dat we het dit seizoen niet echt van de kwaliteit moeten hebben. Daarom vind ik het vooral belangrijk dat iedereen er keihard voor vecht.”

Het nadenken blijft volgens De Jager een probleem voor zijn spelers. „Vechten doen ze wel, maar vaak gaan ze te gretig het veld op. Ze zijn dan zo enthousiast dat ze op gevoel spelen in plaats van dat ze nadenken. Terwijl het daar in de hoofdklasse juist om draait. Op het juiste moment de juiste keuze maken, daarin kunnen we nog flinke stappen zetten.”

Dat er momenteel niet meer kwaliteit is binnen het team, rekent de coach van Tilburg zichzelf aan. „Ik had het afgelopen seizoen meer bezig moeten zijn met spelers werven. Van juni tot augustus heb ik daar samen met de club veel tijd ingestoken maar dat was te laat. We hadden daar al mee moeten beginnen rondom de winterstop, dat heb ik verzuimd. Dat zal me nooit meer overkomen.”

Door de vele nederlagen is De Jager soms onzeker over zijn kwaliteiten. „Ik weet zeker dat elke coach die onderin een competitie meedraait af en toe aan zichzelf twijfelt.” Toch vreest hij niet voor zijn positie. „Er zijn mensen die alleen naar de uitslagen kijken, maar ik ben ervan overtuigd dat het proces dat ik leid goed is. De spelers bevestigen dat. Tot nu toe bleven de resultaten uit; vandaag hebben we een belangrijke stap gezet.”

Aan het eind van dit seizoen loopt het contract van De Jager af. In de winterstop bespreekt hij zijn toekomst met het bestuur. „Tilburg is mijn club, maar ik heb ook mijn ambities als coach. Uiteindelijk is het mijn doel om bondscoach te worden. Daarvoor zal ik in de toekomst wel stappen moeten maken.”