Een grote supermarkt hier? Onnodig en te gevaarlijk

Waar winden stedelingen zich over op? In Amsterdam heerst onrust over een nieuwe supermarkt nabij een basisschool.

Architect Richard Groenendaal gaat verhuizen. „Ik wil geen kantoor boven een supermarkt.” Hij is een van de leden van een actiecomité tegen de komst van een middelgrote winkel van Albert Heijn aan het Frederiksplein. „Een nette buurt waar veel mensen, om het zo maar te zeggen, hun school hebben afgemaakt.” Veel bewoners, onder wie een groot aantal Bekende Nederlanders, hebben kinderen op de ASVO-school, de Amsterdamse Schoolvereniging voor Opvoeding en Onderwijs. Deze basisschool ligt schuin tegenover de winkel die anderhalve week geleden werd geopend. Veel kinderen spelen in het park tussen school en winkel.

Comité en school hebben advocaat Peter Nicolaï in de arm genomen om bij een rechtszaak, komende donderdag, gedaan te krijgen dat de winkel in deze vorm niet blijft bestaan. Nicolaï: „De rechtszaak is niet bedoeld om de Albert Heijn weg te krijgen. Maar hij moet wel terug in omvang. Een winkel van deze grootte wordt bevoorraad door enorme aantallen grote vrachtwagens. Kinderen van de school lopen daardoor gevaar.” De advocaat toont een „verkeerssimulatie” van manoeuvres die de vrachtwagens moeten maken om de winkel via smalle straten te bereiken. „Dat kan soms alleen door ook over de stoep te rijden. Op dat moment staat het kind voor de chauffeur onzichtbaar op de stoep.”

Omwonenden vinden dat de supermarkt de uitstraling van de buurt schaadt. Richard Groenendaal: „Er zijn al vijf supermarkten in de omgeving. Waarom moet er dan nog zo’n grote bij? En dan ook nog om de hoek van de Utrechtsestraat waar veel kleine speciaalzaken het juist goed doen?” Buurtbewoner Jan Willem van Toulon: „Net als in Frankrijk moeten grote supermarkten buiten de steden staan. Daarvoor zijn de oude binnensteden niet geschikt.” Instemmen met de winkel druist in tegen de geest van het bestemmingsplan, vindt het actiecomité. Dat vreest ook de aantrekkingskracht van een supermarkt op daklozen en alcoholisten, zoals twee jaar geleden gesignaleerd in een onderzoeksrapport van het COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement. Daar staat letterlijk: „In het gehele stadsdeel blijft er overlast voorkomen die wordt veroorzaakt door alcoholisten. Dit geldt met name voor aantrekkelijke locaties zoals parkjes, pleinen, bankjes en de directe omgeving van supermarkten.”

Er zijn veel winkels van Albert Heijn in de stad. Dat komt, bevestigt een woordvoerder van het bedrijf, doordat jaren geleden veel kruideniers niet langer in de oude binnensteden wilden zitten, vooral door criminaliteit. „Wij zijn blijven zitten toen andere supermarkten vertrokken.” Het stadsdeel Centrum laat weten dat áls het de winkel al had willen tegenhouden, het bestemmingsplan dat niet mogelijk maakt. „Wij kunnen dit niet tegenhouden.” In het park geldt bovendien een alcoholverbod. „En dat handhaven we ook”, aldus een woordvoerder. En ook is een aparte laad- en losplaats gemaakt, met daarbij horend afspraken over de tijden van bevoorrading. Advocaat Nicolaï: „Voor die tijden zijn geen garanties. Als een vrachtwagen in de file komt te staan, is hij te laat.”

De actiebereidheid bij de ASVO-school lijkt inmiddels wat geluwd. Verschillende ouders reageren desgevraagd lauw op de geopperde bezwaren. „Er zijn zaken geregeld. We moeten de kwestie rustig bekijken”, zegt Louk de Sévaux. Hij heeft drie kinderen op school en wordt volgend jaar lid van het bestuur. De school heeft inmiddels ook afspraken gemaakt met Albert Heijn. Het bedrijf organiseerde al een „buurtontbijt” en gaat vermoedelijk meebetalen aan een pleinwacht. Het bedrijf zegt ook „harde garanties” te geven dat leveranciers niet na acht uur ’s ochtends en voor zeven uur ’s avonds komen aanrijden. „Wij doen in deze buurt extra ons best om mensen ter wille te zijn.”

Winkeliers van de vele speciaalzaken om de hoek in de Utrechtsestraat lijken ook niet massaal tegen de komst van de supermarkt. Eigenaar Franny Blauwendraat van chocolatier Van Soest is zelfs positief. „Met een supermarkt waar je de dagelijkse boodschappen doet, hou je mensen in de buurt. En dan komen ze ook sneller hier bonbons kopen.” Grote verliezer is wel de Mini Supermarkt in de Utrechtsestraat. „Wij hebben in één week 80 procent minder klanten en omzet gehad”, zegt medewerker Abbas Hassanian. De druiven zijn zuur. „Als er verzet is tegen zo’n supermarkt zijn en die komt er toch, dan is het wel duidelijk dat met geld alles te koop is.”