Wil de laatste de Lux uitdoen?

Het overkwam me onlangs. Op het centraal station van Utrecht reed de trein niet verder. Het materieel leek in orde en er was ook een machinist, maar de stem uit de intercom was onverbiddelijk. Deze trein wordt opgeheven.

Deze rubriek, de Lux, treft nu eenzelfde lot. Ruim negen jaar na de start, op 3 maart 2001, is dit de allerlaatste. De eerste ging over ABN Amro en bankenfusies. De AEX beursgraadmeter stond op 590 (nu: 340).

De Lux was een restant van een gesneefd plan: de financiële ochtendkrant van NRC Handelsblad. Lux leende de zalmroze kleur van de Financial Times (FT) en de naam knipoogde naar de Lex column in de FT. Maar de basis was het credo van de krant, Lux et Libertas. In principe waren alle onderwerpen toegestaan, mits de economische invalshoek duidelijk was en het geen hoofdredactioneel commentaar was.

In ruim negen jaar tikten negen redacteuren samen 2.417 afleveringen. De 500ste Lux haalde de voorpagina, dat vonden wij toen een hele gebeurtenis. Wisten wij veel hoeveel jubilea daarna nog volgden die in stilte zijn gevierd. Maarten Schinkel, die erbij was vanaf het begin, is recordhouder met 562 ‘Luxjes’.

Wat vond u als lezer? De meeste kritiek kwam op de meer dan gemiddelde zuurgraad, zoals dat werd gepercipieerd. Dat namen de Lux-redacteuren serieus. Om de sfeer te verbeteren, dook in de ideeënvergaderingen een nieuw woord op: de posi-Lux. Een Lux die niet klaagde over topbeloningen, over mislukte fusies en overnames, over twijfelachtige benoemingen of over stupide overheidsingrijpen. Nee, een Lux met een positieve draai. Dus vierde de Lux topmannen als Frans Koffrie (kantoorboekhandel Buhrmann) die zijn vertrouwen toonde met een privé-investering à 468.000 euro in aandelen Buhrmann.

De koppen zorgden soms voor verwondering en onbegrip. Woordspelingen en naamgrappen waren geliefd. ‘En wat doet de legering’ luidde een kop uit 2008. Waar gaat dat over? Over de goudprijs tijdens de Olympische Spelen in Peking in 2008.

Het interne credo was: een Lux klopt altijd en hoeft nooit gerectificeerd te worden. Het ging wel eens mis. De Lux liet een bloeiende tegelfabriek failliet gaan. Pijnlijk. Dat is recht gezet.

Sommige voorspellingen waren trefzeker. Vijf jaar voordat het zover was, constateerde de Lux al dat de overheid nog een superdividend van de NS kon opstrijken. En Schiphol ging nooit naar de beurs.

Nee, reputaties zijn dankzij de Lux niet gesneuveld. Of het moet die Amsterdamse wethouder zijn die in zijn boek ook wat gedachten en zinnen zonder bronvermelding uit de Lux ‘leende’.

Zand erover. Beter goed gejat dan slecht zelf bedacht.

Menno Tamminga