Waterkrachtcentrale kan de zalm nekken

Het gaat beter met de zalm in Nederland. Die conclusie is gerechtvaardigd nadat een volwassen zalm was aangetroffen in de Ourthe, een zijriviertje van de Maas. Maar deze vondst is niet vanzelfsprekend.

De vraag is ook hoelang het nog goed zal gaan met de zalm. Onlangs heeft de overheid vergunning verleend voor de bouw van een waterkrachtcentrale bij Maastricht. Als die centrale over enkele jaren gaat draaien is de kans groot dat vissen worden vermalen in de turbines die de stroom opwekken.

Het is de bedoeling om de vissen met een visgeleidingssysteem om de dodelijke turbines heen te leiden. De werking van zo’n systeem is echter hoogst onzeker. Een vergelijkbaar systeem bij een waterkrachtcentrale bij Linne, verderop in de Maas, kan niet voorkomen dat hier grote vissterfte voorkomt. Maar liefst 25 procent van de passerende vissen wordt door de centrale gedood, blijkt uit recent onderzoek in opdracht van Rijkswaterstaat. Daaronder zijn beschermde soorten als de zalm en de rivierprik. Met Europees geld zijn projecten opgezet om deze soorten te herintroduceren en te beschermen. De vondst van de zalm in België toont aan dat deze projecten succesvol zijn.

De centrale bij Borgharen wordt de derde waterkrachtcentrale in de Maas. De rivier wordt daarmee een onneembare barrière voor vissen, zowel stroomafwaarts als stroomopwaarts. Waterkracht kán groene stroom opleveren, maar dat mag niet ten koste gaan van honderdduizenden gedode vissen. De geslaagde herintroductie van de zalm in de Maas kan wel eens van korte duur zijn.

Frank Wassenberg

Bioloog en fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren in de Provinciale Staten van Limburg