Pokkevogel

De afgelopen week heb ik mij bovenmatig ingespannen om pestvogels (Bombycilla garrulus) te zien. Dat had een eitje moeten zijn want ons land wordt momenteel overspoeld met duizenden van die vogels. Voedselgebrek in Scandinavië en Rusland drijft ze massaal naar het zuidwesten waar ze zich volvreten met bessen. Inmiddels zitten ze overal, bijna handtam, in groepen tot wel tweehonderd stuks, vooral in steden en dorpen. Dergelijke plotselinge invasies werden vroeger gezien als voorboden van ellende – vandaar de naam pestvogel. Die naam doet overigens geen recht aan zijn fraaie uiterlijk. Hij is zalmroze met een kek kuifje en een zwart oogmasker.

Met het voornemen dit stukje eindelijk weer eens met een frisse foto van een levend beest te illustreren, speurde ik alle besdragende struiken in de wijde omtrek van werk en woning af. Geen vuurdoorn, meidoorn of lijsterbes ontging mij. Nergens pestvogels te zien. Ondertussen kreeg ik melding na melding. Iedereen zag ze overal. Vogelliefhebbers roepen al geruime tijd om een positieve naam voor de pestvogel. Keizerkuif, bessenpikker en bessenbaron zijn kanshebbers. Ik hou het liever bij het oude: pokkevogel.

    • Kees Moeliker