De blauwe politicus

Theodore Gray De Elementen. Een visuele verkenning van alle atomen in het heelal. Fontaine, 240 blz., € 24,95

Sam Kean The Disappearing Spoon. Little Brown and Company, 2010. 400 blz., € 22,99

Wie ooit scheikunde heeft gehad herinnert zich die kaart achterin het practicumlokaal, waar in felle kleuren alle bekende elementen op een systematische manier zijn gerangschikt. Wie er oog voor had kon op basis van de plaats in dit Periodiek Systeem de chemische eigenschappen van een element voorspellen. Voor veel anderen was het niet meer dan een wirwar van getallen en op elkaar lijkende afkortingen.

Maar voor een ieder beginnen al die elementen opeens te leven in het nieuwe boek van Theodore Gray. Een uiterst simpele vormgeving met een dragende foto op de linkerpagina met daar tegenover een stukje tekst, wat illustraties en wat gegevens over het element. Goed, soms is de link tussen foto’s en element ver te zoeken. Dat geldt met name voor zware jongens als Berkelium of Astaat die – als ze al van nature voorkomen – geen lang leven beschoren zijn. Maar loop de zeldzame aardmetalen langs en je snapt direct waarom er zo veel om te doen is.

Een heel andere manier om tegen de elementen aan te kijken vinden we in The Disappearing Spoon van wetenschapsjournalist Sam Kean. Hij brengt het periodiek systeem op een andere manier tot leven en laat zien dat achter alle elementen verhalen verborgen zitten, vol passie, misdaad en gekte. Per hoofdstuk voert hij steeds een paar elementen samen ten tonele. Zoals elementen die in de medische industrie gebruikt worden of juist dodelijke elementen als het giftige thallium of het radioactieve polonium dat de Russische ex-KGB-agent Alexander Litvinenko in 2006 fataal werd. Vaak is zo’n groepering een beetje kunstmatig, maar juist die verhalen, vaak rond personen gecentreerd, maken het boek leuk om te lezen: zo wilde ik direct meer weten over de Amerikaanse chemicus Gilbert Lewis die weliswaar veel ontdekte, maar nooit een Nobelprijs kreeg en daar volledig verbitterd van raakte. Of over de teenager David Hahn die besloot op eigen houtje een atoomreactor te bouwen in het schuurtje van zijn moeder, en daar verrassend ver mee kwam, of de Amerikaanse senaatskandidaat die uit angst voor wat het millenniumprobleem in 2000 allemaal zou kunnen aanrichten vijf jaar lang een zilveroplossing dronk om zijn immuunsysteem te versterken, maar daar wel een permanent blauwe huid aan overhield. Geen betere aanbeveling dan wanneer het enthousiasme van een schrijver je ertoe brengt zelf op zoek te gaan. Helaas zul je dat ook moeten doen als je iets meer van de wetenschappelijke achtergronden wilt snappen, of wilt begrijpen waarom het Periodiek Systeem werkt. Want daarin schiet Kean helaas schromelijk tekort. Rob van den Berg