Zij bleef zonder moeite overeind

Deze week zijn de begrotingsbehandelingen in de Tweede Kamer begonnen. De nieuwe ministers van Zorg en Onderwijs waren als eersten aan de beurt. Hoe deden zij het?

Edith Schippers (VVD) Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Begroting: 68,6 mld euro (26,9 procent van totale uitgaven rijksbegroting; de zorgbegroting is de grootste post)

De nieuwe minister van Volkgezondheid, Welzijn en Sport, VVD’er Edith Schippers, voerde haar eerste begrotingsdebat trefzeker. Ze was kordaat: verzet tegen uitbreiding van de marktwerking pareerde ze met de SP-leus ‘de zorg is geen markt’. Het gaat niet om wasmachines, zei ze, de zorg is gereguleerd en zal dat blijven.

Ze was ook pragmatisch: de minister wil nieuwe initiatieven in de zorg en die krijg je nu eenmaal alleen met meer vrijheid en competitie. Het is allemaal in het belang van de patiënt die de premies betaalt, betoogde ze: die moet meer zorg voor zijn geld krijgen. En dat spreekt natuurlijk iedereen aan, oppositie en coalitie. Daarbij ging ze behendig in op de angst dat ziekenhuizen straks winst moeten proberen te maken: de minster zal strenge voorwaarden stellen aan winstuitkeringen. En bovendien, zei ze, winst maken in de zorg is niets revolutionairs: het gebeurt al overal.

Edith Schippers kent de Haagse arena en is goed ingevoerd in de complexe wereld van de zorg. Toen ze nog volksvertegenwoordiger was, voerde ze het woord over de zorg. Al met al lijkt ze nog het meest de vrouwelijke variant van Hans Hoogervorst, haar partijgenoot die ook minister van Volksgezondheid was. Hij wist in 2005 de tegenstand tegen een nieuw zorgstelsel te overwinnen.

Schippers is niet een bewindsvrouw die zich tot in detail in alle onderwerpen verdiept. Ze houdt de hoofdlijnen in de gaten en stelt prioriteiten. In het debat van gisteren beantwoordde ze alle vragen kort en helder. Ze houdt ook niet van eindeloze onderzoeken. „Het ministerie puilt uit van de analyses”, zei ze, dus „laten we er gewoon mee aan de slag gaan”.

De minister zei na afloop dat het wel vreemd was om een begroting te verdedigen die niet zijzelf, maar haar voorganger had opgesteld. Tegelijkertijd ging het debat wel degelijk over haar eigen plannen. En op die plannen viel de Kamer haar ondanks de forse bezuinigingen niet hard aan. Misschien kwam dat doordat het meer ging over de langdurige zorg voor ouderen en gehandicapten en minder over huisartsen en ziekenhuizen.

Eén keer stonden minister en Kamer wel tegenover elkaar. Dat was toen het ging over de rollators. De PVV wil dat die vergoed blijven. De minister wilde dat niet, evenmin als onder het vorige kabinet CDA en VVD. Nu vielen niet alleen de christen-democraten, maar ook Schippers’ eigen liberalen haar af. De rollator zal dus waarschijnlijk weer in het basispakket komen.

Het is tekenend voor de nieuwe politieke verhoudingen. Schippers boog mee met de Kamer en gunde de PVV dit succesje: „Het parlement is de baas in dit land.”