Storm

November legt een deken van duisternis over het bedrukte land. Een westerstorm giert over de geestlanden. Slagregens geselen het glimmend plaveisel van verlaten straten. Bruine bladeren drijven hopeloos op het rillende water van de zwarte grachten. Zelfs de honden hebben geen zin om te worden uitgelaten. De ratten hebben al lang beschutting gezocht. Het land sterft, zoals elke november weer.

In andere jaren ging dit alles gepaard met berusting. De mensen warmden hun verkilde harten aan de fonkelende beloften van de feestverlichting die door de gemeente waren opgehangen in de winkelstraat. In het Grand Café nipte men zonder schuldgevoel aan bokbier of glühwein, met volle tassen voorzien van de juiste logo’s op de grond naast de stoel. Men verheugde zich op Kerst en de uitkering van de dertiende maand. Men had het goed. Men hield van november en van Nederland.

Dit jaar is het anders. De feestverlichting zwiept vervaarlijk heen en weer in de storm en ziet er potsierlijk uit. De stad lijkt op het verlaten feestterrein van een failliet circus. Alles herinnert en niets verheugt. Ik zie angst en wanhoop in de ogen van de mensen. Als de dertiende maand niet al is wegbezuinigd, zal dit zeker spoedig gebeuren. Alle zekerheden staan op de tocht.

Het gure weer is nog maar pas een begin van zware tijden waarin van ons allen offers worden gevergd en het zal nog maar de vraag zijn of die zullen baten want de wereld is vol gevaren en we zijn niet meer dan een broodkruimel op de rok van het universum. Laten we de luiken sluiten en bidden dat de storm niet te lang zal aanhouden.

En in de café’s wordt niet meer genipt of geglimlacht. Er wordt met strakke, bezorgde gezichten over politiek gediscussieerd. Niemand heeft het nog over iets anders. Voetbal is vergeten. Zelfs het weer is geen onderwerp. Waar men er vroeger gerust op was dat de hoge heren in Den Haag toch niets voor elkaar zouden krijgen, is men nu oprecht verontrust over de vraag waar het naartoe gaat met Nederland.

De herfst heeft de hoop doen dorren.

Ilja Leonard Pfeijffer