Nieuwe stijl op een (deels literair) weblog

Wie zegt dat literatuur niet leeft in Nederland? Een half miljoen tv-kijkers liet zaterdagochtend de boodschappen voor wat ze waren en keek naar de herdenkingsdienst voor Harry Mulisch, 760 duizend mensen zagen maandag de uitreiking van de AKO-prijs.

Nog opmerkelijker is dat vorige week een internetdiscussie over (let op!) subsidieverstrekking aan literaire auteurs in korte tijd 233 reacties opleverde. De behandelde schrijvers zijn niet eens beroemd: Lucas Hüsgen, Rob Schouten en David Sandes.

Aanleiding was een jaarverslag van het Fonds voor de Letteren (nu Nederlands Letterenfonds) uit 2008. Om het literaire debat te stimuleren was de omschrijving van het fonds wat gechargeerd: ‘een subsidieclubje waar schrijvers en dichters aan kunnen kloppen voor gratis geld. Dat gaat doorgaans over tientallen duizenden euro’s die auteurs meekrijgen om in alle rust achter hun schrijfmachine te hangen en toch brood op de plank te hebben.’

De toekenningen werden gewogen op hun efficiency: ‘dat bijvoorbeeld ene Lucas Hüsgen 20.000 euro heeft gekregen om naar Duitsland te reizen voor zijn ‘essayproject’ De dichter als Duitser. Beetje jammer alleen dat we 2 jaar later nergens nog iets over dat project kunnen vernemen. Had de trein soms vertraging?’

De provocerende stellingname werkte: binnen enkele uren stroomden 200 reacties binnen op geenstijl.nl, zoals dit (deels literaire) weblog heet. De reflectanten waren grote meerderheid kritisch en uitten zich soms ronduit onvriendelijk over de ‘subsidiesponzen’. Helaas verstomde het debat volledig nadat een van de schrijvers, David Sandes, zich in de discussie had gemengd met de mededeling dat hij drie of vier jaar werkte voor de hem toegewezen € 25.000.

Een vorm van openheid die toe te juichen is. Ik sta zelf ook in dat jaarverslag: € 40.000 voor een biografie van Geert van Oorschot – de helft van het geld heb ik ontvangen en ik ben halverwege het werk. Maar dat leg ik zo wel uit aan de blonde man met felroze PowNed-microfoon die hier nu net over het tuinhek klimt.