Moderne windmolens kunnen best mooi zijn

Een stadsplattegrond? Die kende ik. Wegenkaarten en atlassen ook. Maar een windkaart van Nederland? Zoiets had ik niet eerder gezien. Die staat in het pas verschenen boekje Een choreografie voor 1000 molens van Yttje Feddes, rijksadviseur voor het landschap. Een portret van Nederland in blauwe vlekken, het diepste blauwe waar het het hardste waait.

Nederland heeft zich als doel gesteld om in 2020 eenvijfde van zijn energie uit duurzame bronnen te halen. Maar veel mensen keren zich tegen windmolens omdat ze die als horizon- en landschapsvervuiling ervaren. De aandoenlijke windmolen uit de Gouden Eeuw is een megaturbine geworden van 100 tot 120 meter hoog, die bij helder weer tot op 30 kilometer zichtbaar zijn. De rotorbladen zijn zo groot dat de turbines 500 meter uit elkaar moeten staan, waardoor ze niet meer in een mooi rijtje langs een weg of een vaart kunnen staan.

Al eerder bracht Feddes het boekje Windmolens hebben een landschappelijk verhaal nodig uit. De boekjes zijn onderdeel van haar campagne om een nationaal plan te maken voor de plaatsing van windmolens, om ze zo goed en doordacht mogelijk in het landschap in te passen. „Ik ben ervan overtuigd dat het mooi kan worden, als we het als samenhangende compositie op de schaal van Nederland aanpakken”, zegt Feddes. „Ik vrees de verrommeling door losse projecten. Windmolens laten op een heel aansprekende manier het nut van ruimtelijke ordening zien.” Daarmee zet Feddes de sterke Nederlandse traditie van landschapsontwerp voort, waarbij in een klein land naar de grote lijn wordt gekeken en van de nood een deugd wordt gemaakt.

‘Choreografie’ bevat drie ontwerpoefeningen, waarbij door middel van montages wordt bekeken wat groepen of rijen windturbines met het landschap doen. Hoe ziet een windwoud eruit als je dat langs de Waddenkust plaatst? In het IJsselmeergebied? Aan de Zeeuwse kust? Overal geldt voor Feddes het principe dat deze krachtige nieuwe elementen kunnen worden ingezet om het verhaal van het landschap te vertellen. Aan de Waddenkust geven ze de grens aan tussen getemde zee en natuurlijke zee; langs de Afsluitdijk markeren ze de inpolderingsgeschiedenis van de voormalige Zuiderzee en accentueren ze grote technische ingrepen als de Afsluitdijk. Ook in de zuidwestelijke delta worden de molens gekoppeld aan de grote technische patronen in het landschap: de havengebieden, kanalen, sluizen en dammen.

Kunstenaar Arnoud Holleman heeft zich in zijn internetproject ‘Nieuwkomer’ ook beziggehouden met windmolens, in het bijzonder de zeventiende-eeuwse molen pal langs de A4 bij Leiden en de twee nieuwe ernaast. Met beelden, geluiden (vogelgekrijs), teksten en interviews met omwonenden, de bewoner van de oude molen, de bouwer van de nieuwe turbine, en de wethouder laat hij het oude tijdperk overvloeien in het nieuwe. Het moet nog blijken of de megaturbines straks ook een verhaal te vertellen hebben.

nieuwkomer.nl