Het Westen ligt uitgeteld op de mat

Bankiers en economen discussieerden in Santpoort over de toekomst van de wereldeconomie. De volgende crisis zal haar oorsprong hebben in de opkomende markten.

Heeft de wereldeconomie een probleem? Niet volgens Willem Buiter, hoofdeconoom van de Amerikaanse bank Citigroup. „80 procent van de wereldbevolking woont in landen die met 6 procent per jaar kunnen groeien. Die overige 20 procent woont in Europa en de VS”, zegt Buiter. Maar in China is er een tegenvaller. „We hebben last van groeivertraging”, erkent Wang Tao, hoofdeconoom van de Zwitserse bank UBS in China. „Dit jaar groeit China met maar 9 procent. Vorig jaar was dat nog ruim 10.”

In de schaduw van de G20-top discussieerden bankiers en economen gisteren op landgoed Duin & Kruidberg over de opkomende markten, feitelijk over de héle wereldeconomie. Dat opkomende markten de wereldeconomie zullen domineren, daar was iedereen het in Santpoort over eens. Het rijke Westen ligt murw geslagen en uitgeteld op de mat.

Buiter, eerder hoogleraar aan de London School of Economics, vat het samen. „Behalve de Scandinavische landen staat iedereen er belabberd voor.” Hij somt op. Nederland zou vandaag niet aan de eisen voldoen om euroland te worden. Ierland is nog één slecht nieuwsmoment verwijderd van een beroep op het Europese noodfonds. „Portugal wellicht ook”, zegt Buiter. „Er zijn zoveel banken met te weinig kapitaal, te weinig buffers en te veel dreigende problemen.”

In de VS is de ellende het grootst. „Het ontbreekt de VS aan een visie waarop de economie op langere termijn gebaseerd moet zijn”, zegt Rob Drijkoningen, directeur opkomende markten van de investeringstak van ING, dat de bijeenkomst organiseerde. Het land is alleen maar aan het bezuinigen en besparen, in plaats van de economie op lange termijn te stimuleren, stelt Drijkoningen.

Buiter is stelliger. Amerikanen wachten tot de consument terugkeert, hun economie is gebaseerd op hun uitgaven. „Maar consumenten komen niet terug, die moeten juist schulden afbetalen”, zegt Buiter. „De Amerikaanse economie was gebaseerd op lenen en consumeren. Nu moet het land investeren in de productie van verhandelbare goederen. De VS moeten een exportgedreven economie worden. Niemand die dat ziet en er iets aan doet.”

Europa en de VS gaan een somber decennium tegemoet. Gilbert Van Hassel, directeur van de investeringstak van ING, spreekt van een sluimerstand. Anderen verwachten Japanse toestanden, ofwel jarenlange nulgroei.

De verhalen van UBS-econoom Wang Tao zijn veel positiever. Het komende decennium kan China wel met 7,5 tot 8 procent per jaar groeien, verwacht ze. De Chinese staat wil de komende jaren het niveau van sociale zekerheid en pensioenen verhogen. Het beoogde effect is dat Chinezen minder sparen voor hun oude dag en meer uitgeven en consumeren, zegt Wang. Nog steeds trekken mensen van het platteland naar de stad. De vastgoedsector is nog lang niet verzadigd. Er wordt volop gebouwd, weet de Chinese econoom. Hetzelfde geldt voor grotere snelwegen, snellere treinen, grotere luchthavens en betere fabrieken.

„India en Brazilië zouden in potentie ook 7 tot 9 procent kunnen groeien,” zegt Drijkoningen van ING. „Ware het niet dat de infrastructuur er nog wat minder is en de besluitvorming langzamer en meer gefragmenteerd.” Ofwel: India en Brazilië zijn democratieën en dat kan soms vertraging opleveren bij aanleg van een snelweg.

Maar ook China, India en Brazilië kunnen zich niet afzonderen van de rest van de wereld. Een handels- of valutaoorlog of protectionisme treft opkomende economieën toch ook? Een handelsoorlog zou zeker gevolgen hebben, zegt Drijkoningen. „Maar het is vooral desastreus voor echte exportlanden als Nederland, Taiwan en Zuid-Korea. China heeft een grote, groeiende interne markt.”

De ING-directeur verwacht dat China de munt nog in waarde zal laten toenemen ten opzichte van de dollar. „Iedereen heeft het maar over China. Maar de valuta’s van Zuid-Korea, Maleisië en Thailand zijn dit jaar al met 10 procent in waarde gestegen ten opzichte van de dollar. Hun exportpositie is nog steeds goed. Het argument van China, dat een stijging van 10 procent van de yuan desastreus zou zijn, is dus niet waar.”

De spanningen tussen de VS en China over de wisselkoers kunnen aanhouden, denkt Willem Buiter. „China is overtuigd dat het niet zonder gunstige exportpositie kan. Dat zal zo blijven tot de partijtop in 2012 vervangen wordt.” Het dreigende conflict is nadelig voor de eurozone, stelt Buiter.

De beslissing van de VS om 600 miljard dollar in de economie te pompen zal leiden tot een goedkopere dollar. Buiter: „Voor je het weet staat de euro weer op 1,50 dollar. Dan kan Europa zich ook niet meer uit de crisis exporteren.” De enige reden dat de euro nog niet fors is gestegen, is de wederopstanding van de schuldencrisis in Ierland. „A blessing in disguise”, zegt de in Den Haag geboren Britse Amerikaan.

Is de opmars van opkomende markten dan een zekerheid? Nee, zegt Wang Tao van UBS. China moet oppassen voor inflatie en voor de toenemende druk op grondstoffen die nodig zijn om de expansie te voeden. Wang signaleert ook een mogelijke aandelenzeepbel. Chinezen sparen nu nog vooral op de bank, maar ze gaan steeds meer beleggen. Als dat te snel doorzet, kan het de prijs van aandelen kunstmatig opdrijven. „Opkomende markten zullen groeien”, concludeert Buiter. „Maar wel met hausses en baisses. De volgende crisis, wat die ook moge zijn, zal haar oorsprong hebben in opkomende economieën.”

    • Melle Garschagen