Haat sluimert voort in tribale proeftuin van Kenia

Een nieuwe grondwet moet de tribale spanningen in Kenia verminderen. In het meest gemengde gebied van het land zijn die nog goed voelbaar. „Kikuyu’s moeten hun plaats weten.”

Internally Displaced People (IDP) of the Nakuru camp move out of the camp on the platform of a trailer on October 16, 2008. According to the chairman of the Nakuru IDP camp, 8.400 people (out of 11.400) decided to move together to the new land called Mawingu,about 60 km away from Nakuru. To purchase the land of 80 acres, people contributed to the amount of money that was given by the Kenyan goverment for the resettlement : 10. 000 Kenyan Sh (about 70 US dollars) per family. Many IDP's, still fearing attacks by other tribes, look for secured, affordable and fertile land. AFP PHOTO / YASUYOSHI CHIBA AFP

Samuel Njoroge wijst naar een straathoek in een sloppenwijk van Nakuru. „Daar doodden we drie Kalenjins. We dumpten hun lijken in een beerput. Kalenjins zijn onbetrouwbaar.”

Samuel Njoroge is een Kikuyu. Hij woont niet meer zoals vroeger in een tribaal gemengde sloppenwijk van Nakuru in de provincie Rift Valley. „Kikuyu’s voelen zich sinds de verkiezingen van december 2007 belegerd”, vertelt Njoroge, „het valt ons niet makkelijk om ons weer Keniaan te voelen.”

Ruim tweeënhalf jaar na omstreden verkiezingen die uitliepen op een korte, hevige stammenoorlog, is de haat in Kenia nog lang niet bekoeld. Het economisch en politiek sterkste land van Oost-Afrika is nog steeds gespannen. De grote vraag is of in 2012, bij de volgende verkiezingen, een nieuwe geweldsuitbarsting volgt en Kenia alsnog uiteenvalt. Een nieuwe grondwet die in augustus dit jaar per referendum werd aangenomen, moet dat helpen voorkomen. Kenianen zijn hoopvol dat in elk geval de strijd tegen de enorme corruptie nu eindelijk serieus wordt genomen (zie inzet).

De huidige tribale verhoudingen zijn misschien het best te peilen in Nakuru. De Rift Valley is het meest tribaal gemengde gebied van Kenia. Na de verkiezingen van eind 2007 was het geweld hier het hevigst. Ruziënde politici riepen hier hun aanhangers op tot verzet. Kalenjin-jongeren vielen „immigranten” van de Kikuyu-stam aan – de Kalenjins eisen de Rift Valley op als hun „tribale thuisland”.

De meeste stammen zetten na de verkiezingen van 2007 tribale milities in. Een half miljoen Kenianen raakten ontheemd, vijftienhonderd mensen werden gedood. Vele Kikuyu’s vluchtten vanuit dorpen in de Rift Valley naar Nakuru, waar enkele duizenden van hen nog steeds in kampen leven. Ze zijn niet onverdeeld welkom. „De Kikuyu’s moeten hun plaats weten en zich minder arrogant opstellen”, waarschuwt pater Chemasmet, een Kalenjin. „Nakuru is van ons, het is ons Jeruzalem.”

Land en stam, daar ging het in het vroegere Afrika om. „In Kenia praten we over stammen, niet over politieke partijen”, zegt ontwikkelingswerker Joseph Omondi. Wanneer tribale groepen zich bedreigd voelen, gaan ze praten over hun „historische tribale thuisland”. De Kalenjins zeggen de oorspronkelijke bewoners van de Rift Valley te zijn. De Kikuyu’s arriveerden in de afgelopen honderd jaar, als arbeiders op Britse koloniale boerderijen, daarna op zoek naar akkers omdat hun eigen woongebied in de Centrale Provincie overbevolkt is geraakt.

Om de stamrivaliteit te verminderen, werd na het verkiezingsgeweld een nieuwe grondwet geschreven. Die werd in augustus dit jaar per referendum aangenomen. Kenia zal bestuurlijk geheel opnieuw worden ingericht.

Kenia krijgt 47 bestuurlijke deelgewesten met een parlement en een gouverneur. Provincies, zoals de Rift Valley, verdwijnen. De stamverhoudingen worden door de herindeling overhoop gegooid. Nakuru was onderdeel van de door Kalenjins gedomineerde Rift Valley, nu wordt het een gewest waar Kikuyu’s de meerderheid vormen.

De verwachting is dat op de korte termijn het tribalisme toeneemt omdat in de nieuw gecreëerde gewesten iedere tribale groep voor invloed gaat vechten. Maar op langere termijn neemt, zo is de hoop, het tribalisme af. Want plaatselijke conflicten zoals destijds in Rift Valley kunnen straks op gewestelijk niveau worden uitgevochten, zonder dat de tribale spanningen tot geweld in geheel Kenia leiden, zoals eind 2007/begin 2008.

Moses Maguga, een Kikuyu, verblijft sinds het geweld van destijds in een ontheemdenkamp bij Nakuru. „Ik heb sinds 1992 drie keer mijn akker moeten ontvluchten omdat Kalenjin-buren me wilden vermoorden. De politie keek toe”, vertelt hij. „Nooit meer ga ik terug, ik blijf in Nakuru.”

Bij de ingang van het ontheemdenkamp van Kikuyu’s hangen gehaakte tafelkleedjes en andere toeristische prullaria. Kikuyu’s zijn de snelst moderniserende stam van Kenia. Ze vertonen zich het liefst in Engelse kledij, niet in traditionele omslagdoeken. „Zo diep zijn we gezonken, dat we spullen maken voor toeristen”, lamenteert Maguga, „de Kalenjins hebben ons bestaan vernietigd.”

De Kalenjin-priester Chemasmet noemt de Kikuyu’s in de kampen oplichters. „Ze zijn helemaal niet van hun akkers in de Rift Valley verdreven, ze komen hier onder valse voorwendselen om ons land in te pikken. Als de Kalinjins niet de leiders van ons gewest mogen leveren, dan bid ik tot God voor wat hier gaat gebeuren.”

De ontheemde Kikuyu Maguga wil de volgende verkiezingen afwachten. „Ook al schrijf je de grondwet in goud, of de haat verdwijnt, hangt vooral af van de politici. De grote test komt in 2012.”

    • Koert Lindijer