Grappig, maar 't verveelt snel

De Keizersgracht, afgelopen donderdag. We zijn uitgenodigd om de Kinect uit te proberen, in een door Microsoft speciaal daarvoor ingerichte huiskamer.

De Kinect is een nieuwe revolutionaire vorm van gamen, zo is ons beloofd. Het is ook wel weer tijd voor iets nieuws. De Nintendo Wii was een leuk apparaat, maar na vijf keer spelen weet je precies met welke armbeweging je een strike gooit bij bowlen. En heel hard je armen zwaaien bij tennis is ook helemaal niet nodig, weten ervaren Wii’ers inmiddels. Rustig blijven zitten en met je pols heen en weer bewegen werkt ook.

Waar Nintendo niet zo veel geeft om het grafische uiterlijk van spellen, behoort de Xbox tot het beste wat de game-industrie te bieden heeft. Dus als je de Xbox aan een Kinect koppelt, zou je de beste race-, schiet en sportspellen zelf moeten kunnen besturen. Geen kastje, controller, of joystick: de afstandsbediening ben je zelf. Ofwel: granaten gooien door je armen te bewegen, liggend op de grond bukken voor overvliegende kogels. Een omhaal maken op je vloerkleed en zo de winnende goal in de WK-finale maken.

Tot zover de verwachtingen vooraf. In de praktijk valt de Kinect een beetje tegen. Zo bijzonder als de Wii destijds was, is de Kinect niet. Tijdens de presentatie wordt al snel duidelijk dat de beschikbare spellen nog allemaal erg simpel zijn. Ervaren gamers die hyperrealistisch willen schieten, voetballen of racen zullen nog even geduld moeten hebben. Microsoft wil het apparaat eerst slijten aan gezinnen, zij hebben namelijk nog geen Xbox. Hun Wii is aan vervanging toe.

Het spel Kinectimals, bedoeld voor kinderen tot een jaar of zes, is het meest geslaagd. Een tijger staart je aan op een tropisch eiland. Zodra je gaat bewegen komt hij op je af. Je kan hem aaien of kunstjes leren. Ga je zitten of liggen op de grond, dan doet de tijger je op het scherm na. Voor je het weet lig je knielend op de grond pootjes te geven.

Verder zijn de vijftien spellen die als eerste op de markt komen vooral sport-, fitness- en dansspellen. Of het zijn simpele lineaire avonturengames, zoals het zelf door Microsoft ontwikkelde Kinect Adventures. In één van de levels vaar je op een roodgekleurd bootje een rivier af. Soms leun je naar links of rechts om je boot te besturen. Als er munten voorbijkomen moet je springen. Grappig, maar het verveelt snel.

Er is een dansspel, waarbij een karakter op het scherm je dansbewegingen nadoet. En we spelen tafeltennis met als resultaat: pijnlijke schouders en zware armen. Dat is ergens wel revolutionair, voor het eerst maakt een computerspel echt moe. Voor wie het leuk vindt: al je spring-, buk- en dansbewegingen worden tussendoor allemaal door de Kinect-camera gefotografeerd. De foto’s van je capriolen kunnen rechtstreeks op Facebook.

Maar al met al is de Kinect onbevredigend. De reactiesnelheid is nog niet perfect, een kwestie van afstemmen zegt de aanwezige marketingmanager. We missen de zogenaamd lastige controller, om bij het tafeltennis effectballen en dropshots te kunnen geven. Om te remmen tijdens een racespel, of om gewoon iets aan te kunnen klikken.

Voorlopig versimpelt het Kinect-systeem gamen tot in de lucht springen en opzij stappen. Op een omhaal in de huiskamer is het nog even wachten.