254.700.000.000 euro wacht op goedkeuring

Begrotingsbehandelingen zijn ogen vaak technisch, maar zijn belangrijk. En politiek interessant, zeker met nieuwe ministers en ervaren Kamerleden.

Linda Voortman copyright: angelique van woerkom iov GroenLinks naamsvermelding verplicht 2010

Het is nogal een bedrag, waarover de Tweede Kamer de komende weken moet besluiten: 254.700.000.000 euro. Tijdens de Algemene Beschouwingen ging het nog over grote verhalen en politieke visies. Vanaf nu tot eind december is de Kameragenda gevuld met debatten over de begrotingen voor 2011 van de elf ministeries. Die begrotingen zijn door het vorige kabinet opgesteld, maar de voorstellen daarin worden door de ministers het nieuwe kabinet-Rutte verdedigd.

Waarom de begrotingen belangrijk zijn.

Follow the money is niet voor niks een oud adagium in de journalistiek. Want geld is macht, en daar gaat het in de politiek om. Hoe saai en technisch begrotingsbehandelingen soms ook mogen ogen, hier wordt voor een groot deel bepaald op welke maatschappelijke veranderingen de overheid zich het komende jaar gaat richten.

Meer dan driekwart van de uitgaven ligt vast in meerjarige verplichtingen. Maar in het uitgeven van de rest van het geld heeft de Kamer in theorie de vrije hand. De op Prinsjesdag gepresenteerde Rijksbegroting is formeel een wetsvoorstel. En dat voorstel kan worden aangepast. In de praktijk laten Kamerleden zich leiden door de keuzes die in dat wetsvoorstel zijn gemaakt. Zeker coalitiepartijen hebben weinig behoefte nog wijzigingen aan te brengen, omdat de hele begroting in lange sessies tussen regeringspartners is uitonderhandeld. Wijzigingen op de begroting gaan dan ook meestal om het verschuiven van enkele tientallen miljoenen hier en daar; op de hele Rijksbegroting insignificante bedragen. Grote financiële verrassingen zijn daarom de komende weken niet te verwachten.

Dat het kabinet-Rutte niet zijn eigen begroting verdedigt maakt niet zo heel veel uit.

Omdat de politieke verhoudingen sinds de verkiezingen ingrijpend zijn veranderd, zou men kunnen denken dat de Kamer plannen van het vorige kabinet niet wil overnemen. Maar de bezuinigingen van 3,2 miljard – en over bezuinigingen gaat het meestal – die het demissionaire kabinet-Balkenende IV heeft voorgesteld, zijn uitvoerig afgestemd met de nieuwe coalitie van VVD en CDA. Ook gedoogpartner PVV was erbij betrokken.

De bezuinigingen van 18 miljard die het nieuwe kabinet in het regeerakkoord heeft vastgelegd, staan nog niet in de Rijksbegroting. Maar dat is geen bezwaar. De maatregelen die het komend jaar nog nodig zijn om die besparingen in gang te zetten, kunnen gewoon met afzonderlijke wetsvoorstellen worden ingevoerd.

Wat we de komende weken kunnen verwachten.

Financieel leven de begrotingsbehandelingen misschien geen aardverschuivingen op. Maar politiek kunnen ze wel degelijk spannend zijn. Zeker met fonkelnieuwe ministers die nog werken aan hun dossierkennis. Want bij de oppositiepartijen zitten nogal wat ervaren parlementariërs. En oppositiepartij PvdA heeft ook nog een hele rits oud-bewindslieden, die nog precies weten welke zwakke plekken er in de begrotingen van hun oude ministeries zitten.

Een uitglijder is zo gemaakt, en kan het imago van een minister of staatssecretaris langdurig belasten. Twee momenten om naar uit te kijken: Kamerleden grijpen het behandelen van de begroting van Algemene Zaken graag aan om hun ideeën over de toekomst van het Koninklijk Huis te delen. Dit jaar zou er mogelijk zelfs een meerderheid zijn om de Koningin haar politiek invloed af te nemen.

En minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA) moet bij zijn begroting laveren tussen gedoogpartner PVV en de weerstand bij oppositiepartijen en een deel van zijn eigen CDA tegen het harde immigratiebeleid. Met de oppositie lag hij al overhoop, na zijn worsteling met het terugsturen van Iraakse asielzoekers. Sinds gisteren is hij ook geen vrienden meer met PVV-leider Geert Wilders. Straks kan hij zich revancheren.