Trouwe dienaar en geweten van Feyenoord

Fred Blankemeijer kon niet zonder Feyenoord. En Feyenoord kon jarenlang niet zonder Fred Blankemeijer. Zo werd hij een clubicoon.

Oud-voorzitter Gerard Kerkum zei het twee jaar geleden al tijdens het eeuwfeest. „Ik vrees de dag dat Fred hier om wat voor reden niet meer mag of kan komen.” Feyenoord was de zuurstoftank van Fred Blankemeijer. Op zijn beurt fungeerde ‘Ome Fred’ als het geweten van de roemrijke voetbalclub uit Rotterdam-Zuid.

Afgelopen nacht overleed het clubicoon op 84-jarige leeftijd aan de gevolgen van een longontsteking. Ruim drie maanden nadat Feyenoord officieel afscheid had genomen van de senior manager. Het was, na een innige liefde die zeventig jaar geleden begon, mooi geweest. Door twee bijna versleten knieën was hij de laatste jaren al aan een rolstoel gekluisterd. Maar zijn bovenkamer functioneerde nog uitstekend, bezwoeren zij die dagelijks met hem werkten.

De historische nederlaag tegen PSV (10-0) zal de oud-stopperspil tot in het diepst van zijn ziel hebben geraakt. Blankemeijer was Feyenoord. Niemand die dat betwistte. Niet voor niets is de perszaal in stadion de Kuip naar hem vernoemd.

In het jaar dat Blankemeijer lid werd van ‘de arbeidersclub van rood en wit’ bereikte de oorlog Nederland. Blankemeijer, geboren in het havendorp Pernis, behoort tot de generatie Rotterdammers die met eigen ogen heeft gezien hoe hun geliefde stad op 14 mei 1940 werd platgebombardeerd, en hoe de bezetters vervolgens met stampende laarzen door de stad marcheerden. Zijn vader was eerste stuurman, en kwam om toen diens vrachtschip bij de eerste gevechtshandelingen op en rondom de Nieuwe Maas werd getroffen door een Duitse vliegtuigbom. Vrijwel niemand was in al die jaren nadien dan ook zo uitgelaten als Feyenoord won van een Duitse tegenstander als Blankemeijer.

De oorlog bleef een litteken, zo vertelde oud-speler Sjaak Troost, eveneens afkomstig uit Pernis, twee jaar geleden. Het clublied van Feyenoord bijvoorbeeld was Blankemeijer een doorn in het oog. Troost; „Het Hand in Hand Kameraden! is een marslied. Daar krijg je Fred niet voor op de banken, hoe diepgeworteld zijn liefde voor Feyenoord ook is. Marsliederen appelleren aan de oorlog.”

Eén keer kwam het tot een breuk tussen Feyenoord en zijn trouwe dienaar, wiens foto in het eigen Home of History voorzien is van de tekst „Arendsoog en olifantengeheugen in dienst van Feyenoord”. Dat was in 1976, toen hij door enkele collega’s aan de kant werd gezet als bestuurslid. Twee jaar geleden vlamden zijn ogen open, toen hij herinnerd werd aan het conflict. „Alsof ik een misdaad had gepleegd”, klonk het nog altijd geërgerd. Uit protest zat Blankemeijer twee jaar lang tijdens de thuisduels ‘aan de overkant’, ver verwijderd van het ereterras met de clubnotabelen. Gerard Kerkum haalde hem uiteindelijk terug, als een verloren zoon.

Legendarisch zijn de persconferenties die Blankemeijer leidde. Gortdroge humor en zelfspot voerden daarbij de boventoon: „Dames en heren, Feyenoord-Ajax, uitslag 0-5, ik neem aan dat er geen vragen zijn.”

    • Mark Hoogstad