En Azië zoekt bescherming bij Amerika

De Amerikaanse president Obama is zaterdag begonnen aan een reis door Azië.

Aziatische landen zien de VS als noodzakelijk tegenwicht tegen ‘bullebak’ China.

Terwijl Europa lonkt naar Chinese contracten, maakt Azië zich zorgen. China’s macht in de regio was vorige week een veelbesproken thema in de marge van de Aziëtop in de Vietnamese hoofdstad Hanoi.

Vanaf afgelopen zaterdag ontvangen de grootste democratieën in Azië de Amerikaanse president Barack Obama, die een tiendaagse reis door de regio maakt. Zij zullen onder meer bespreken of de herrijzenis van China zo vreedzaam en harmonieus is als Peking beweert. Maar over de werkelijke bedoelingen of ambities van China is twijfel gerezen. Het optimisme over het karakter en de geopolitieke gevolgen van China’s machtsstijging maakte de afgelopen maanden plaats voor scepsis.

De simultane ruzies van China met de VS en Japan over de kunstmatig lage koers van de yuan, die andere exportlanden oneerlijke concurrentie aandoet en de aanvaringen met Japan over de Shenkaku-eilanden hebben de bedenkingen over China’s ambities gevoed. Het ‘Rijk van het Midden’ wordt verweten zich te ontwikkelen tot de regionale ‘bullebak’. Er ontstaat een China met twee gezichten. Achter de ‘glimlachdiplomatie’ gaat een steeds rijker land schuil, dat geconcentreerd werkt aan de opbouw van een militaire macht dat maar één doel kan hebben, herstel van de hegemonie in Azië.

De vraag of de machtsstijging van China vreedzaam of agressief zal zijn wordt het scherpst gesteld in Japan en de VS, maar wordt ook steeds nerveuzer besproken in de hoofdsteden van de Zuidoost-Aziatische buurlanden. Vrijwel allemaal hebben zij uitstekende en wederzijds profijtelijke diplomatieke en economische relaties met China opgebouwd.

Terwijl de VS vanaf 2003 vooral bezig waren met de oorlogen in Irak en Afghanistan heeft China door middel van een netwerk aan multilaterale (ASEAN) en bilaterale verdragen banden gesmeed en Chinese belangen (havens, pijpleidingen en wegen) veiliggesteld.

Niettemin zien de Chinese handelspartners de VS als een noodzakelijk tegenwicht. De recente bezoeken van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton aan Hanoi en de tweede Azië-reis van Obama worden dan ook gezien als een welkome herbevestiging van Amerika’s engagement in de regio.

Dat geldt in nog sterkere mate voor Japan en India die de Chinese krachtpatserij met grote argwaan volgen. In deze landen wordt gevreesd dat zij in de toekomstige machtsverhoudingen in Azië een ondergeschikte rol gaan spelen. Japan en India, die recentelijk een omvangrijk handelsakkoord sloten, willen zelfs het voortouw nemen voor een ‘ring van democratieën’ om het autoritaire China heen.

Het conflict van China met de westerse wereld over de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede aan de Chinese dissident Liu Xiaobo – Peking eist van Europa een boycot van de uitreiking – heeft de cirkelgedachte nieuwe, morele voeding gegeven. Het is overigens geen gedachte waarvan China wakker ligt.

Dat geldt wel voor de Indiase militaire activiteiten, en vooral de uitbouw van de Indiase marine. Tijdens zijn ontmoeting met de Indiase premier Singh zal Obama het vooral ook hebben over de leverantie van militaire transportvliegtuigen en gevechtsvliegtuigen. De VS willen dat India zich ontwikkelt tot een wereldmacht, ook als tegenwicht voor een steeds assertiever China.

De angst uiteindelijk in een door China geleid Azië een ‘junior-partner’ van China te worden is het grootste in Japan, het laatste land dat Obama zal aandoen en dat de klassieke vijand is van China. Japan is voor de VS nog altijd een belangrijke bondgenoot in Azië. Dat blijkt onder meer uit de stationering van Amerikaanse troepen op het zuidelijke eiland Okinawa en de huisvesting van de Amerikaanse Zevende Vloot door Japan.

Omgekeerd heeft kwetsbaar Japan de VS hard nodig om zich staande te houden in de nieuwe machtsverhoudingen. Rusland en China worden steeds assertiever in de omgang met Japan. De provocerende wijze waarop dit gebeurt, heeft Japan in het defensief gedrongen. De Russische president Medvedev landde vorige week op een van de door Japan geclaimde Koerilen-eilanden en de Chinezen knalden in september met een vissersschip tegen twee Japanse patrouilleschepen.

De brutaliteit van Rusland en China is een weerspiegeling van de staat waarin Japan verkeert: moeite met het verlies van economische macht ten opzichte van rivaal China, gebrek aan zelfvertrouwen door een haperende economie en een krimpende bevolking en onzeker op zoek naar een nieuwe plek in de wereldorde.

De afnemende relevantie van Japan hangt nauw samen met de verminderde invloed van de VS in de regio. Of Obama’s rondreis aan deze machtsverschuivingen een halt zal toeroepen, wordt in Tokio wel gehoopt, maar ook betwijfeld. Jin Canrong, hoogleraar internationale relaties en maritieme geschiedenis aan de Renmin Universiteit in Peking: „China wacht rustig af in de wetenschap dat alle activiteiten weinig zullen veranderen aan de onderliggende megatrend.”