Voor wat hoort wat bij orgaandonatie

Er zijn te weinig orgaandonoren. Dit komt bovenal doordat te weinig mensen geregistreerd staan als donor. Voor sommigen gelden principiële redenen, ingegeven door geloof of anderszins. Er is echter ook een groot deel dat geen zwaarwegende bezwaren heeft, maar vanwege het feit dat het ‘ver van hun bed’ is of zelfs vanwege gemakzucht het formulier nog niet heeft ingevuld. Dit wordt terecht als problematisch ervaren, vandaar de campagnes op televisie en radio die mensen moeten aansporen dit alsnog te doen. Gelet op het verleden is het succes van dergelijke campagnes twijfelachtig. Daarom pleiten sommigen voor een omkering van het systeem: je bent donor, tenzij je een formulier invult waarin je verklaart dat niet te willen zijn. Tegenstanders van dit systeem wijzen op principiële bezwaren vanuit het oogpunt van zelfbeschikking: ‘jij’ beslist, en niet ‘de overheid tenzij’.

Is het daarom niet veel pragmatischer en tegelijk moreel beter verdedigbaar als we het principe van ‘voor wat hoort wat’ zouden hanteren? In dat geval kom je alleen voor orgaandonatie in aanmerking als je jezelf, enige tijd voor je behoefte aan een donororgaan, hebt geregistreerd als donor. In dat geval moeten mensen die om voor hen moverende principiële of pragmatische redenen liever geen donor zijn, de negatieve effecten daarvan – het op enig moment niet kunnen beschikken over een donororgaan – verdisconteren in hun beslissing. Bijzonder rechtvaardig en vanwege het minder vrijblijvende karakter waarschijnlijk zeer effectief.

Edwin Buitelaar

Utrecht