Bij de voorplaat

Zo’n gekke bobbel op een dolfijnensnuit, dat is nog nooit vertoond. Nederlandse paleontologen ontdekten het uitsteeksel op een twee tot drie miljoen jaar oud bot van een dolfijn uit de Noordzee. Op de foto uiterst links ligt het bot bovenop de schedel van een griend, een levende tandwalvis die sterk aan deze dolfijn verwant is. Zo is te zien waar de bobbel thuishoort.

Het fossiele bot behoort toe aan een nieuwe dolfijnensoort die paleontologen beschrijven in de jongste uitgave van Deinsea, het wetenschappelijk tijdschrift van het Natuurhistorisch Museum Rotterdam. Een tekening van de vier tot zes meter lange dolfijnen is te zien op de voorpagina (en hierboven).

“Het gaat hier om een roofdolfijn zoals een griend of een orka”, vertelt Erwin Kompanje, mede-auteur van het stuk in Deinsea. “Wij denken dat rond het uitsteeksel op het bot een orgaan zat, de melon.” De melon is een met vet gevulde zak die dolfijnen gebruiken om krachtige geluidspulsen te produceren. De echo van deze geluidsgolven wordt opgevangen in de onderkaak en helpt bij het opsporen van prooidieren. In het geval van de griend zijn dat vaak pijlinktvissen.

Albert Hoekman ontdekte het bot van de nieuwe dolfijnensoort twee jaar geleden tussen de platvissen in de netten van een vissersschip. Het fossiel is opgevist uit de ‘Bruine Bank’, een bekende vindplaats van zeezoogdierfossielen op de bodem van de Noordzee. De nieuwe dolfijnensoort heet Platalearostrum hoekmani: Hoekmans stompsnuitdolfijn. Op de tekening is het botuitsteeksel in hun massieve kop te herkennen. [MvN]

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

De plaat van uitgestorven stompsnuitdolfijnen, afgelopen week op de voorpagina van het wetenschapskatern is gemaakt door Remie Bakker van Manimal Works. Redactie wetenschap