Ook na aframmeling blijft Mister Cool bij zijn gelijk

Het verschil was frappant. De winnaar van de Amerikaanse Congres-verkiezingen, John Boehner, was zijn emoties even niet de baas. De Republikeinse leider moest zijn tranen wegslikken, toen hij dinsdag in zijn overwinningsrede vertelde hoe hij was opgeklommen tot de machtige positie die hij nu heeft. Hoe hij in de kroeg van zijn vader de vloeren had gedweild, hoe hij met allerlei baantjes zijn opleiding had betaald, hoe hij zijn eigen bedrijfje had opgezet. Altijd had hij de American Dream nagejaagd. Hij moet het talloze keren eerder verteld hebben, maar nu brak zijn stem.

Bij de grote verliezer, Barack Obama, was van emotie weinig te merken. Natuurlijk, hij erkende een dag later in zijn persconferentie dat de nederlaag beroerd voelde en hem tot nederigheid stemde. En hij kon ook moeilijk anders. Een verlies van zestig zetels in het Huis van Afgevaardigden is een afstraffing van historische proporties, „een aframmeling”, zoals de president het zelf noemde. Na twee jaar is er weinig over van de golf van enthousiasme (Hope! Change!) die hem aan de macht bracht.

Maar zijn opmerking dat „sommige verkiezingsavonden leuker zijn dan andere” klonk nogal laconiek. Het was een understatement met een poging tot zelfspot, een teken dat ‘No Drama Obama’ ook nu zijn nuchterheid behoudt.

Die koele nuchterheid contrasteert niet alleen met de tranen van zijn tegenspeler, maar ook met de temperatuur van de tijdgeest. De Amerikaanse kiezers zijn woedend, hebben we de afgelopen weken veel gehoord. Over de economische crisis, over het uit de hand gelopen begrotingstekort, over de hervorming van de ziektekostenstelsel, over de huisuitzettingen en over de snelheid waarmee de banken, zo kort nadat de belastingbetaler ze moest redden, alweer miljardenwinsten maken.

De opkomst van de Tea Party was de heftigste uiting van zulke gevoelens. Maar lang niet de enige. Aan de andere kant van het politieke spectrum, op de website van The New York Times, kon je dinsdag het woord invullen dat het best je stemming weergaf. ‘Walging’ scoorde een groot deel van de dag het hoogst.

Of de kiezers het geruststellend vinden dat hun president in die nationale storm van emoties het hoofd koel houdt, kun je betwijfelen. Volgens veel Amerikaanse commentatoren is het probleem van Mr Cool juist dat hij te afstandelijk overkomt, te veel de Harvard-professor en te weinig een mens van vlees en bloed met wie doorsnee Amerikanen zich kunnen identificeren, en die op zijn beurt begrijpt wat zij doormaken.

Maar Obama’s nuchtere opstelling zegt niet alleen iets over zijn karakter. Het is ook een aanwijzing van de manier waarop hij de uitslag interpreteert, en welke gevolgen hij daaraan verbindt.

Hoe vaak journalisten hem woensdag ook vroegen of de uitslag niet betekent dat de kiezers zijn politieke agenda hebben verworpen, Obama bond niet in. Oké, de kiezer voelt zich gefrustreerd, maar vooral over het langzame herstel van de economie. „De afgelopen twee jaar hebben we een reeks hele moeilijke beslissingen genomen. Maar die beslissingen waren nodig voor het land, dat in een noodtoestand verkeerde en dreigde weg te zakken in een nieuwe Grote Depressie.” Kortom: mijn besluiten waren goed, alleen zien de kiezers dat nog niet.

Je kan het zelfverzekerd noemen of koppig. In elk geval is het moeilijk er een grote bereidheid in te zien om de Republikeinen meteen al tegemoet te komen. Het land mag een ruk naar rechts hebben gemaakt, Obama geeft voorlopig geen teken dat hij zijn politieke koers daarom gaat verleggen – alle mooie woorden over de noodzaak van samenwerking te spijt.

Maar ook van zijn Republikeinse tegenstanders valt op dat vlak weinig te verwachten. Hun belangrijkste doel is nu, zei de invloedrijke senator McConnell gisteren strijdlustig, om te zorgen dat Obama in 2012 niet herkozen wordt. De campagne voor de presidentsverkiezingen is begonnen.

De uitslag van dinsdag werpt een schaduw over de vooruitzichten van Obama op een tweede termijn. Niet alleen vanwege de grote nederlaag in het Congres, maar ook omdat de Republikeinen in veel deelstaten gouverneurschappen op de Democraten hebben veroverd. Dat geeft ze een sterke uitgangspositie voor 2012.

Maar Obama is nog lang niet verslagen. De Republikeinen zijn verdeeld over de vraag hoe ver ze de Tea Party moeten volgen. En wel eerder hebben verzwakte presidenten bewezen een vijandig Congres de baas te kunnen.

Hoe de krachtmeting tussen Obama en de Republikeinen de komende twee jaar ook uitpakt, in elk geval houdt de president, met dank aan de grondwet, het primaat in de buitenlandse politiek. Dat laat hij vandaag meteen zien, door voor een reis van tien dagen naar Azië te vertrekken. Koel, onbewogen en ervan overtuigd dat ontwikkelingen als de opkomst van Azië belangrijker zijn voor de toekomst van Amerika dan de opkomst van de Tea Party.

Daar mag hij gelijk in hebben, maar hij moet zijn landgenoten er nog van overtuigen. Anders werpt zich straks een Democratische uitdager op, of zorgt een Republikein ervoor dat zijn presidentschap beperkt blijft tot één termijn.