Gerd Leers heeft nu al moeite met laveren

In het debat over Iraakse asielzoekers moest minister Leers zich in allerlei bochten wringen. De oppositie ergerde zich aan het gedrag van de PVV.

Maar liefst drie keer moest minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA) zich deze week in de Tweede Kamer verantwoorden over de uitzetting van uitgeprocedeerde Iraakse asielzoekers. De minister die verantwoordelijk is voor het ingewikkelde en voor de PVV zo belangrijke immigratiedossier, bracht zichzelf nu al in een lastig parket.

Dinsdagmiddag, zowel in het vragenuur als in een spoeddebat, zei Leers nog dat de uitzetting van ongeveer vijftien Irakezen die gepland stond voor de volgende ochtend, gewoon kon doorgaan. Ondanks de aanslagen in Bagdad. De veiligheidssituatie in Irak was volgens het ambtsbericht van het ministerie van Buitenlandse Zaken het laatste half jaar niet verslechterd, legde hij uit. Bovendien waren er het afgelopen jaar al meer Irakezen uitgezet, zei Leers, en hij wilde wel „consistent” blijven. Een motie van de ChristenUnie, om de uitzetting op te schorten tot een verwachte uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), haalde het nét niet. Het leidde tot geroffel op de bankjes bij de PVV-fractie.

Dinsdagavond om acht uur was zowel het debat als de motie achterhaald, toen Leers een e-mail kreeg van het EHRM. De strekking: Nederland mag geen Iraakse asielzoekers uitzetten tot het hof op 24 november met zijn definitieve uitspraak komt. De vlucht van woensdagochtend naar Bagdad werd alsnog geannuleerd.

Deze gang van zaken leidde tot een golf van kritiek van de Tweede Kamer. En toen dook er ook nog plotseling een brief op van het EHRM, gedateerd op 22 oktober. Daarin kondigde het hof aan dat asielzoekers uit Irak die hun uitzetting zouden aanvechten, wegens de verslechterde veiligheidssituatie in Irak aanspraak konden maken op een zogeheten interim measure. Dit wil zeggen dat zij voorlopig niet worden uitgezet.

Betekende dit niet dat Leers de Iraakse asielzoekers afgelopen woensdag helemaal niet had mogen uitzetten, vroeg de Kamer.

Het leidde gisteravond tot een „juridisch gecompliceerd debat”, zoals Tofik Dibi (GroenLinks) het verwoordde. Want: gold de brief van 22 oktober nu voor álle uitgeprocedeerde Iraakse asielzoekers in Nederland of alleen voor diegenen die hun uitzetting aanvochten? Was de brief juridisch bindend? En, politieker, was de brief expres achtergehouden, of niet?

Maar het debat ging óók over de nieuwe verhoudingen in het parlement, nu de PVV het minderheidskabinet van VVD en CDA gedoogt. Wat vond de coalitie eigenlijk van de roffelende PVV’ers, vroeg SP’er Sharon Gesthuizen, toen dinsdag bleek dat de Irakezen zouden worden teruggestuurd naar oorlogsgebied? „Alsof wij het goedvinden dat mensen de dood worden ingejaagd. Zo is het natuurlijk niet”, reageerde PVV-Kamerlid Sietse Fritsma verontwaardigd. Vanwaar toch het getrommel? „Wij hebben tegen de motie gestemd en die werd niet aangenomen.” Verder bemoeide Fritsma zich amper met het debat waarvan de relevantie hem „volkomen” ontging. VVD en CDA erkenden dat zij „hun wenkbrauwen hadden opgetrokken” bij het geroffel dinsdag. „Maar iedere partij heeft haar eigen geluid en kan met eigen dingen blij zijn”, aldus Cora van Nieuwenhuizen (VVD). „De PVV heeft aangegeven dat het ze niet te doen was om het feit dat die mensen uitgezet werden.” Volgens Mirjam Sterk (CDA) zou zij de PVV-fractie „zwaar” hebben veroordeeld als die wél roffelde omdat de Irakezen niet in Nederland mochten blijven.

De onenigheid over de PVV leidde voor heel even de aandacht af van Leers, die zich in allerlei bochten moest wringen. Hij had de brief niet achtergehouden, verzekerde hij, al zou hij in het gevolg een dergelijke brief wellicht toch eerder verspreiden. „Maar ik blijf erbij dat zorgvuldig is gehandeld.” Na drie uur debatteren concludeerde de Kamer dat de minister „in strikt juridische zin” niets verweten kan worden. De coalitiepartijen haalden hun schouders op, de morrende oppositie vatte de week samen als „een valse start”.

    • Barbara Rijlaarsdam