Beval natuurlijk of beval zonder risico

Thuis bevallen blijkt riskanter dan gedacht. Maar het is ook fijner. Taal en systemen van verloskundigen en gynaecologen verschillen.

Europa, Nederland, Nieuwegein, 03-11-2010 Vroedman, verloskundig Aucke Lycklama op kraambezoek bij een gezin dat pas thuis bevallen is van een tweede kind. De vroedman doet de controles, oa. de buik voelen en de controles van de kraamzorg nakijken. Foto: Evelyne Jacq

Thinga Bouwens (29) zag het nieuws deze week vanuit haar kraambed voorbijkomen: thuis baren is riskanter dan gedacht. Bij vrouwen die hun bevalling thuis met een verloskundige beginnen, is de kans op babysterfte 2,5 keer zo groot als bij vrouwen die in het ziekenhuis bevallen bij een gynaecoloog. Haar zoon Nae-Then is afgelopen zondag op de ‘riskantere’ manier geboren: thuis aan het woonerf in Nieuwegein, onder begeleiding van een verloskundige.

Bouwens schrok er niet van. De bevalling is vlot verlopen, Nae-Then was er binnen drie uur. Haar dochter Mai-Linh werd anderhalf jaar geleden wegens stuitligging in het ziekenhuis geboren, bij de gynaecoloog. Dat was een veel minder prettige ervaring. Naast de „kille, steriele” omgeving van het ziekenhuis was er het wachten op de gynaecoloog. „Onze verloskundige, die mee was, gaf aan dat ik al volledige ontsluiting had, dus dat de beugels [om de benen in te leggen] omhoog mochten. Maar de verpleegkundige zei dat ze dat pas mocht doen als de gynaecoloog er was.” Dat duurde lang. „Thuis heb je dat niet. De verloskundige is er helemaal voor jou.”

Iedereen die een kind krijgt komt tijdelijk terecht in een nieuwe wereld: het Nederlandse verloskundige systeem. Het vreemdst daaraan is de beperkte keuzevrijheid. Tot in de jaren zeventig konden Nederlandse vrouwen niet kiezen voor een bevalling in een geboortecentrum of ziekenhuis – ze moesten thuis bevallen. Wie er nu voor kiest, dus zonder medische indicatie, betaalt ‘voor straf’ een eigen bijdrage van 297 euro, terwijl de thuisbevalling helemaal wordt vergoed. Pas sinds 2008 heeft elke vrouw recht op pijnbestrijding bij de bevalling. En vrouwen kunnen nog steeds niet kiezen voor een bevalling bij de gynaecoloog – daar moeten medische redenen voor zijn.

Dat doet vreemd aan, zeker in het licht van het deze week verschenen onderzoek waaruit blijkt dat het veiliger is bij een gynaecoloog te bevallen.

Moet je niet voor de veiligste optie kunnen kiezen? Wordt het niet tijd ook in Nederland het idee te verlaten dat thuis bevallen fijn, natuurlijk en veilig is? Moeten verloskundigen zwangere vrouwen er niet van doordringen dat het ook risicovol kan zijn? Zeker bij eerste bevallingen die, als ze thuis beginnen, in de helft van de gevallen toch in het ziekenhuis eindigen?

„Ik heb daar tegenstrijdige gevoelens over”, zegt gynaecoloog Elisabeth Blokhuis van het Zuwe Hofpoort Ziekenhuis in Woerden. Ze werkt ook twee dagdelen per week in verloskundigenpraktijken. „Aan de ene kant denk ik: laat ze dan inderdaad maar in het ziekenhuis bevallen. Aan de andere kant is het thuis fijner. En rust en ontspanning zorgen ook voor een betere bevalling.”

„Als bevallen verplicht in het ziekenhuis zou moeten gebeuren, worden er weer allerlei kinderen langs de snelweg geboren”, zegt verloskundige Govi Hoskam droogjes. Hoewel in haar Utrechtse praktijk De Lekbrug een meerderheid van de zwangeren voor een poliklinische bevalling kiest, is thuis bevallen altijd het uitgangspunt. Ook bij vrouwen die voor de eerste keer gaan bevallen. „Als we geen reden zien om de bevalling in het ziekenhuis te doen, gaan we dat ook niet adviseren.”

Wie zwanger is, merkt vroeg of laat ook dat Nederland twéé verloskundige systemen kent. Enerzijds dat van de verloskundigen, die baat zien bij een zo natuurlijk mogelijke bevalling. Anderzijds dat van de gynaecologen, die het liefst alle risico’s uitsluiten.

„Gynaecologen zien beren op de weg, die verloskundigen niet zien”, zegt Jan Nijhuis, hoogleraar verloskunde aan de Universiteit Maastricht. „Wij spreken een andere taal.” Volgens het deze week verschenen onderzoek veroorzaakt gebrekkige communicatie tussen beide systemen mogelijk mede de relatief hoge babysterfte in Nederland.

Verloskundigen en gynaecologen hebben geen identieke registratiesystemen, laat staan een gemeenschappelijk dossier van hun ‘klanten’. Nijhuis herinnert zich ten minste één geval waarin dat bijdroeg aan de dood van een baby. De moeder had bij haar eerste bevalling een kindje met schouderdystocie; het bleef met de schouders vastzitten nadat het hoofd geboren was. „Dat is voor latere bevallingen een verhoogd risico. Dan moet je bekijken of je eerder tot een keizersnede moet overgaan.”

Maar de schouderdystocie kwam bij de tweede zwangerschap van de vrouw niet in het dossier van de vroedvrouw terecht. De tweede baby stierf omdat niet op tijd werd ingegrepen. „Met een gezamenlijk dossier had dat voorkomen kunnen worden.”

De Utrechtse verloskundige Aucke Lycklama a Nijeholt gaat het liefst mee naar het ziekenhuis als hij vrouwen tijdens de bevalling moet overdragen. Maar soms moet hij naar een andere bevalling en dan doet hij de overdracht telefonisch. Meestal krijgt hij een arts-assistent aan de lijn, soms een gynaecoloog. Dat heeft hij liever. „De gynaecologen ken je, en ze zijn eindverantwoordelijk. Een arts-assistent werkt maar kort op de verloskamer en moet altijd overleggen met de achterwacht. Voor je gevoel gaat dat over heel veel schijven.”

Het geboortecentrum Sophia in Rotterdam, een jaar geleden geopend, tracht de twee werelden te integreren. De verloskundigen gebruiken hier wél hetzelfde ‘partusverslag’ als in het Erasmus Medisch Centrum. „Voorheen hadden verloskundigen hun eigen dossier”, zegt directeur Hanneke de Graaf. „Dat was gek. We hebben besloten dat het verstandig was als we allemaal hetzelfde gingen gebruiken.”

Het geboortecentrum is opgezet door verloskundigen, ziekenhuis en kraamzorg samen. Het biedt een soort ‘bijna-thuisbevalling’: comfortabele kamers met tapijt, koelkast en slaapruimte voor familie. Maar in het geboortecentrum is ook een reanimatiekamer voor als er iets misgaat met de baby.

Bij complicaties hoeven vrouwen maar één gang door en ze zijn op de verlosafdeling van het ziekenhuis. Bij zeer ernstige complicaties komt de gynaecoloog naar het geboortecentrum. Dat is tot nu toe twee keer gebeurd, vertelt De Graaf: bij een ernstige bloeding en bij een shock. Beide vrouwen maken het goed, hun baby’s ook.

Is dit de toekomst voor iedereen? Mogelijk, zegt De Graaf. „Ik merk alleen wel dat de eigen bijdrage van 297 euro een groot obstakel is. Mensen proberen ‘medisch’ te worden, zodat de verzekeraar alles vergoedt. Of ze bevallen toch maar thuis, omdat ze het niet kunnen betalen.”

    • Joke Mat
    • Laura Klompenhouwer