AkzoNobel en Philips toch geen groene leiders

De technische aanpassing van de index voor duurzaam ondernemen krijgt kritiek. ‘Dit mag niet nogmaals gebeuren.’

Verf- en chemieconcern AkzoNobel moet zijn eerste plaats op een wereldwijde duurzaamheidsindex afstaan aan chemiegigant DSM. Technologiebedrijf Philips raakte zijn positie als leider in de sector kwijt aan Panasonic.

Het stuivertjewisselen is het gevolg van een technische aanpassing in de zogenoemde Dow Jones Sustainability Index (DJSI), zo werd gisteren bekendgemaakt.

DJSI heeft door een technische fout in het beoordelingssysteem van vermogensbeheerder SAM – waarmee Dow Jones samenwerkt – de ranglijsten moeten corrigeren.

De Dow Jones Sustainability Index wordt sinds 1999 opgesteld en door steeds meer bedrijven gebruikt als meetlat voor hun duurzaamheidsprestaties. Dit jaar deden zevenhonderd bedrijven mee aan de enquête, die ruim honderd vragen beslaat.

De DJSI is een indexering van internationaal toonaangevende ondernemingen die duurzaamheid centraal hebben gesteld in hun beleid. De index wil beleggers betrouwbare en objectieve vergelijkingscijfers geven. De DJSI wordt gezien als een van de belangrijkste graadmeters voor duurzaamheid. Het levert, vinden beleggers, betrouwbare informatie voor investeerders die niet alleen kijken naar de winstontwikkeling.

AkzoNobel-topman Hans Wijers is „teleurgesteld” over de nieuwe ranking. Hij wil een betrouwbare index en waarschuwde Robeco-dochter en mede-opsteller SAM: „Dit mag niet nogmaals gebeuren.” Sinds 2009 zijn de prestatiebonussen van AkzoNobel mede gekoppeld aan de score op de Dow Jones Sustainability Index.

Voor Wijers staat er meer op het spel. Hij is ook commissaris bij Shell en was in die hoedanigheid een van de drijvende krachten achter het plan om ook bij het olieconcern de duurzaamheidsindex in te voeren als maatstaf voor de bonus. Het olie- en gasbedrijf werd eerder dit jaar van de index verwijderd omwille van de olielekkages in Nigeria. De opstellers van de ranglijst vinden de impact van de olielekkages in Nigeria vergelijkbaar met de door BP veroorzaakte olieramp in de Golf van Mexico. Omdat BP om die reden uit de index werd verwijderd, volgde Shell later. Dit tot ontsteltenis van Shell zelf. „Het is niet transparant wat ze doen”, zei financieel directeur Simon Henry van Shell onlangs.