Weer een deuk in imago rechters

Rechter Hans Westenberg wordt gehoord over belangenverstrengeling.

Het is opnieuw een aantasting van „de mythe” van de onfeilbare rechter.

Luchthaven Schiphol. Foto Johannes van Assem foto Johannes van Assem 07-02-2007, Schiphol Schiphol bij nacht, gezien vanaf rijnlanderweg parallel aan de snelweg A5.

Die hoge stem van rechter Hans Westenberg die haar door de telefoon toesnauwde. Advocate Marianne Dumont is het nooit meer vergeten. „Ik kon mijn wrakingsverzoek beter intrekken, anders zou hij mij het leven heel zuur maken.” Het is nu veertien jaar geleden, maar ze wordt weer kwaad als ze het vertelt.

Het was de eerste keer dat Dumont een rechter wraakte – omdat die de schijn zou hebben gewekt partijdig te zijn. Ze vond het een hele beslissing. „Maar mijn rechtsgevoel zei me dat ik het doen moest.” En toen belde rechter Westenberg haar zelf op, zegt Dumont. Ze was nog nooit door een rechter gebeld. Dat deden rechters niet, ze zouden wel partijdig kunnen lijken. Haar vertrouwen in de rechterlijke macht was tot dat moment „onbevlekt”. Maar ze werd „afgebekt” alsof ze „een soort dweil was”.

Daarna vergat Dumont de kwestie. Tot ze jaren later het maandblad Quote las. Daarin zei rechter Westenberg dat hij „nooit” met advocaten belde. Ja, ja, dacht ze. Ze stelde een verklaring op en stuurde die naar advocaat Hugo Smit. Die was namelijk aangeklaagd door Westenberg omdat hij de rechter, in het boek Topadvocatuur van Micha Kat, er ook van had beschuldigd dat hij met advocaten belde. Westenberg had dat gedaan in de zogenoemde Chipshol-zaak toen hij die onder zich had.

Westenberg had nadien onder ede ontkend dat hij met advocaten had gebeld, maar het gerechtshof stelde in juni vast dat „behoudens tegenbewijs” vast was komen te staan dat Westenberg ten minste twee keer inhoudelijke telefoongesprekken had gevoerd met advocaten. Het besluit van het gerechtshof was een tussenarrest en Westenberg mocht nog tegenbewijs aanleveren. Dat deed hij niet. Hij beëindigde de door hemzelf aangespannen procedure tegen Smit, zonder dat die tot een onherroepelijk vonnis had geleid.

Gevolgen kreeg het tussenarrest wel. Nog geen maand later maakte het gerechtshof in Den Haag bekend dat Westenberg (toen 64) met vervroegd pensioen ging. Volgens een woordvoerder van de rechtbank trad hij „in goed overleg” terug „om te voorkomen dat zijn functioneren als rechter ter discussie zou worden gesteld”.

Met zijn pensioen brak geen rustige tijd aan voor Westenberg. Vader en zoon Jan en Peter Poot van ontwikkelingsbedrijf Chipshol deden aangifte tegen hem wegens meineed. De Rijksrecherche begon een strafrechtelijk onderzoek dat nog loopt. En begin dit jaar besloot de rechtbank in Utrecht dat ondernemer Poot Westenberg en een aantal andere magistraten mag horen om te onderzoeken of sprake is geweest van belangenverstrengeling in de juridische procedures die het bedrijf Chipshol gevoerd heeft.

Vandaag gebeurt daarom wat vrijwel nooit voorkomt: een rechter die wordt gehoord door de rechter. Voorafgaand aan het verhoor wil Westenberg niet in de krant reageren. „Een procedure voert men voor de daarvoor aangewezen instantie, niet via de media.” Hij ontkent dat hij ooit met advocaat Dumont heeft gebeld.

De zaak-Westenberg strekt inmiddels verder dan de discussie over zijn geloofwaardigheid. Zo bleek vorig jaar dat de Raad voor de Rechtspraak de juridische kosten voor Westenberg betaalt. Sterker, de Raad is formeel opdrachtgever van de advocaten die Westenberg verdedigen. Dat waren achtereenvolgens de landsadvocaat Henk-Jan Boukema en Arnold Croiset van Uchelen. Die laatste behartigt ook de juridische belangen van koningin Beatrix.

Een woordvoerder van de Raad voor de Rechtspraak vindt het vanzelfsprekend dat de Raad de juridische kosten voor Westenberg betaalt. „Als een werknemer wordt aangevallen op zijn werk, verleen je hem bijstand. En iemand is onschuldig tot het tegendeel bewezen is.” Die schuld is volgens de Raad voor de Rechtspraak niet aangetoond met het tussenarrest.

Het moment van Westenbergs verhoor is pikant. Nog geen twee weken geleden werd een wrakingsverzoek in de strafzaak tegen politicus Geert Wilders toegewezen omdat het „begrijpelijk” was dat bij Wilders de „vrees” was ontstaan voor een zekere mate van „vooringenomenheid”. Hoewel daarmee niet werd gezegd dat de rechters partijdig waren, is dat beeld wel blijven hangen.

Voor rechters wordt niet meer automatisch gebogen, stelt rechter Willem van Bennekom. Hij publiceerde onlangs een kritisch essay over de rechtspraak. Hij verwacht dat meer rechterlijke dwalingen bekend zullen worden.

Omdat het werk moeilijker is geworden, maar ook omdat de kans dat fouten worden ontdekt is toegenomen. Volgens Van Bennekom is de onfeilbare rechterlijke macht „een mythe” waar vanaf moet worden gestapt.

Lees het tussenarrest van het gerechtshof over de zaak die Westenberg zelf had aangespannen op nrc.nl/binnenland