Tweede Kamer in debat over locatie van NHM

De Tweede Kamer debatteerde vandaag opnieuw over de vestigingsplaats van het Nationaal Historisch Museum.

Nu het museum zich in Amsterdam vestigt, is er geen reden vast te houden aan Arnhem als vestigingsplaats, concludeert Kamerlid Joël Voordewind van de Christenunie. Maar dat is wel in strijd met de statuten van de stichting NHM, waarin Arnhem als vestigingsplaats officieel is vastgelegd. Voordewind wil daarom dit artikel uit de statuten laten schrappen. Of de motie die hij samen met Boris van der Ham (D66) indiende voldoende steun zou krijgen, was vanmorgen nog niet duidelijk.

Staatssecretaris Zijlstra was het er in ieder geval mee eens. „Als het museum straks privaat gefinancierd wordt, kan de stichting NHM Arnhem als vestigingsplaats uit de statuten schrappen.” Hij beschouwt gemeenten en semi-overheden als private financiers.

Als Arnhem wordt losgelaten, heeft Voordewind wel een idee voor een andere vestigingsplaats: Paleis Soestdijk. Hij vroeg in een motie de staatssecretaris deze mogelijkheid serieus te onderzoeken.

CDA, VVD en PVV - samen een Kamermeerderheid - willen in eerste instantie vasthouden aan Arnhem, omdat daar na uitvoerige procedure voor gekozen is. Van der Ham vindt dat de gemeente Arnhem zijn rechten op het museum heeft verspeeld, door zelf beloftes te breken. Mariko Peters (GroenLinks) vindt dat de rijkssteun meer moeten inhouden dan een „lullige projectsubsidie van 6 miljoen, voor één jaar”. „Neem dit museum serieus, of trek de stekker eruit.”