Privézaken blijven Leers achtervolgen

Gerd Leers heeft de problemen rond zijn vakantievilla in Bulgarije opgelost. Maar de CDA-minister heeft nog meer zakelijke belangen.

Gerd Leers wekte als burgemeester van Maastricht in een aantal gevallen de schijn van belangenverstrengeling, concludeerde het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten (BING) begin dit jaar in een rapport. Dat ging over de affaire rond de vakantievilla van Leers in Bulgarije.

In één geval verstrengelde hij volgens BING ook echt de belangen. Dat was toen Leers de Bulgaarse ambassadeur „onnodig in zijn privézaken” betrok. Leers lichtte de diplomaat in een e-mail uitvoerig in over zijn betaalde maar niet geleverde vakantievilla in Bulgarije en ondertekende met zijn functie „burgemeester van Maastricht”. De ambassadeur zocht daarop contact met het Openbaar Ministerie in zijn land, om Leers te helpen.

Het is goed voorstelbaar dat minister Leers (Immigratie en Asiel, CDA) binnenkort opnieuw contact heeft met de Bulgaarse ambassadeur. Bulgaren trekken in groten getale naar Nederland.

Vorig jaar – het onderzoek van BING naar zijn handelen liep nog – liet Leers via zijn advocaat weten dat hij „zo snel mogelijk” van de villa afwilde, ook als hem dat geld zou kosten. Binnen een week zou een stichting worden opgericht om de villakwestie „op afstand te zetten”.

Daarna moest Leers opstappen als burgemeester. De stichting kwam er niet, hoewel Leers zich wel liet inhuren als onafhankelijk onderzoeker voor de publieke zaak en een terugkeer in het openbaar bestuur niet uitsloot.

Toen Leers op 14 oktober minister werd, was de villakwestie nog steeds niet opgelost. Maar nu vereiste de ministerscode van Leers dat hij zijn zakelijke belangen op afstand plaatste.

Leers richtte op 12 oktober de stichting Fiducia Trajectum (vrij vertaald: vertrouwen in de oversteek) op. Het bestuur van de stichting gaat zijn claim behartigen in Bulgarije.

Vanuit wetenschappelijke hoek klonk gisteren kritiek op de gekozen vorm. De stichting stond niet ver genoeg van Leers af. De minister kon zelf bepalen wie er benoemd en ontslagen werd als stichtingsbestuurder en had ook op een aantal andere punten invloed.

Dat mag niet. Ministers en staatssecretarissen met „zeggenschapsrechten inzake relevante financiële of zakelijke belangen” moeten volgens de ministerscode volledig afstand doen van deze belangen. Of een regeling treffen waarbij hij of zij tijdens de ambtsperiode geen enkele invloed kan uitoefenen op de zeggenschapsrechten. In een vergelijkbare kwestie gaf toenmalig minister van Landbouw Cees Veerman (CDA) in 2002 een onherroepelijke volmacht aan het bestuur van de stichting die tijdens zijn ambtsperiode over zijn belangen ging.

Leers zette deze slordigheid gisteren recht, na veel media-aandacht. Hij kondigde aan dat de statuten van de stichting zo gewijzigd worden dat hij geen directe invloed meer heeft.

Maar er is ook nog het bedrijf De Vijfde Berg Management bv. Dat is door Leers opgericht voor zijn inkomsten als spreker en onderzoeker. Volgens minister-president Rutte – in een brief aan de Tweede Kamer van 15 oktober – had Leers het beheer over deze onderneming eveneens op afstand gezet. Uit het handelsregister blijkt dat dat niet klopt. Pas een week later, op 22 oktober, stapte minister Leers op als directeur van het bedrijf. Een van zijn dochters nam zijn plaats in. De aandelen gaf hij aan zijn vrouw en dochter. Ook deze constructie is niet volgens de ministerscode. Die stelt dat het inzetten van familieleden onvoldoende afstand creëert.

Leers tilt hier niet zo zwaar aan, blijkt uit een verklaring die hij gisteren liet verspreiden: „De heer Leers zal in de management bv geen activiteiten ontplooien. De financiële afwikkeling is uitbesteed aan een accountant. Zodra die afwikkeling is afgerond zal de heer Leers daarover rekening en verantwoording afleggen aan de bevoegde instanties.”