Over bier moet je niet praten

Auteurs: Peter Zwaal en Peter de BrockTitel: Amstel, het verhaal van ons bierUitgever: Bas LubberhuizenISBN: 9789059372566, 207 blz., € 14,99

Voor de meeste mensen is bierdrinken een vrij eenvoudige aangelegenheid. Tot ze dit boek over de geschiedenis van het biermerk Amstel hebben gelezen. Want er komt wat kijken, zeg, bij bierbrouwen. En vooral bij bier verkopen. Dat is heel hard nadenken over de juiste toon.

Wie drinkt ons bier? En willen we eigenlijk wel dat juist zíj ons bier drinken? Kortom, welk gevoel geef je mee aan je bier?

Dit boek over Amstel bier is gemaakt ter ere van het 140 jarig bestaan van het merk. Bijna anderhalve eeuw geleden begonnen Charles Antoine de Pesters, Johannes Hendrikus van Marwijk Kooy en Willem Eduard Uhlenbroek met de Beiersch-Bierbrouwerij De Amstel, midden in Amsterdam. De belangrijkste mijlpalen van de brouwerij staan achter in het boek netjes opgesomd. Bijvoorbeeld dat in 1883 voor het eerst bier werd geëxporteerd naar Nederlands Indië. In 1918 valt de bierproductie ver terug wegens gebrek aan mout als gevolg van de Eerste Wereldoorlog. In 1947 gaat de brouwerij officieel Amstel Brouwerij heten. In 1968 fuseren Amstel en Heineken. En in 1994 wordt Amstel officieel sponsor van de Champions League en is het merk volgens het boek voortaan onlosmakelijk met voetbal verbonden.

In het boek zelf staan ook wat leuke wetenswaardigheden. Zoals dat hotel-café-restaurant Krasnapolsky – van Adolph Willem Krasnapolsky – sinds 1879 een heuse Amstel tent is. En om er voor te zorgen dat er exclusief Amstel-bier geschonken werd, hielpen twee oprichters De Pesters en Van Marwijk Kooy mee de verbouwing te financieren. Aha, dus ook toen al probeerden brouwerijen in de horeca exclusiviteit te bedingen.

Nog zoiets. Om in Afrika de markt te veroveren ging Amstel het bier in flessen van 75 cl verkopen. Waarom, wil je dan als lezer weten. Dat wordt vervolgens ook netjes uitgelegd. Jammer dat de schrijvers hiervoor werkelijk tenenkrommend marketingjargon voor gebruiken. ‘Vooral jonge zwarte Zuid-Afrikanen voelden zich aangetrokken tot het aspect van 'sharing', wat inherent verbonden is aan flessen met een dergelijke inhoudsmaat.’

Er staan veel meer van dergelijke zinnen in. Zinnen waar je bier dood van slaat. ‘Op zomerse dagen trokken de Amsterdammers namelijk – net als nu – massaal de benauwde en drukke stad uit om op de terrassen van uitspanningen neer te strijken. En een glaasje bier ging er daar ook zeker wel in.’ Sterker nog, het boek staat er eigenlijk vol mee. ‘Amstel was een voorname herenbrouwerij, waar men hechtte aan goede smaak. Bewust of onbewust hadden veel reclameuitingen een aristocratische uitstraling, waarbij ook kameraadschap werd uitgedragen.’

Maar als je dat allemaal niet leest, blijft er toch een mooi boek over, een plaatjesboek. Prachtige zwart-wit foto’s, bijvoorbeeld van kinderen die in de brouwerij etiketten op de flessen plakken. Voorbeelden van Amstel-kalenders met vrij decent geklede vrouwen, die in de jaren ‘70 voor pikant door moesten gaan. Kortom, vergeet de tekst. Over bier moet je ook niet praten.

tom kreling

    • Tom Kreling