Hulpvraag aan kerk verdubbeld

Het aantal aanvragen voor materiële hulp bij de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) is in twee jaar tijd verdubbeld. Ook bij roomse parochies kwamen aanzienlijk meer hulpaanvragen binnen. Dat blijkt uit het rapport Armoede in Nederland 2010, dat vanmiddag in Utrecht zou worden gepresenteerd.

Het rapport wijt de stijging aan de kredietcrisis en de economische neergang. Het zijn vooral eenoudergezinnen die bij de kerken aankloppen. Bij de PKN kwamen in 2007 7.263 hulpaanvragen binnen, in 2009 is dat aantal gestegen naar 15.852. Bij de Rooms-Katholieke Kerk steeg het aantal aanvragen in die periode van 9.809 naar 11.911.

In totaal gaven de kerken vorig jaar 30 miljoen uit aan armoedebestrijding. Daarvan werd 12 miljoen besteed aan individuele hulpverlening en nog eens 12 miljoen aan collectieve voorzieningen als voedselbanken en noodfondsen. Voor inloophuizen werd 1,7 miljoen uitgeven. Verder spenderen de kerken traditioneel geld aan kerstpakketten en aan vakanties voor armlastige gezinnen.

De kerken hebben gemengde gevoelens bij het feit dat hun rol bij de armoedebestrijding toeneemt. Ze zijn van mening dat armoedebestrijding geen structurele taak van de kerk moet zijn. Het rapport doet dan ook een oproep aan de overheid maatregelen te nemen om de financiële positie van risicogroepen te versterken.

Opvallend is dat kerkelijke instanties aangeven over het armoedebeleid maar weinig contact te hebben met plaatselijke WMO-raden, die zijn ingesteld in het kader van de Wet op maatschappelijke ondersteuning. Volgens het rapport kan dat erop duiden dat aan de interne communicatie binnen diaconale organisaties wel wat mankeert.