De koning van de wansmaak signeert

De Amerikaanse regisseur van cultfilms als Hairspray en Pink Flamingos, John Waters (64), heeft een autobiografie gepubliceerd, Role Models. Menno de Galan was bij een signeersessie van Waters in diens geboortestad Baltimore, en hoorde dat hij ook zijn penis kon laten signeren.

John Waters (boven) regisseur van onder meer de film Hairspray (links) uit 1988 met van links naar rechts Colleen Fitzpatrick, Debbie Harry, de travestiet Devine en Ricki Lake. Foto's AP en AFP/New Line Hairspray (1988) Pers: Colleen Fitzpatrick, Debbie Harry, Divine, Ricki Lake Dir: John Waters Ref: HAI006AP Photo Credit: [ New Line / The Kobal Collection ] Editorial use only related to cinema, television and personalities. Not for cover use, advertising or fictional works without specific prior agreement The Picture Desk

De koning van de slechte smaak wordt met applaus begroet. John Waters, filmregisseur, schrijver, toneelspeler en eigenaar van een elektrische stoel als huismeubel, loopt naar een tafeltje in een boekhandel in Baltimore. De manager legt de regels uit: meneer Waters zal geen toespraak houden. Hij heeft geen behoefte aan lange of intieme gesprekken. Hij zet graag zijn handtekening, in zijn deze zomer verschenen boek Role Models of ergens anders. En hij heeft er geen bezwaar tegen met fans op de foto te gaan. Waters neemt kort het woord: „Ik heb handtekeningen gezet op penissen en tampons. Anything goes.” Hij gaat zitten, pennen, potloden en viltstiften in de aanslag. De signeersessie kan beginnen.

Waters is een van de herkenbaarste mannen van Amerika. Hij is graatmager, heeft een flinterdun snorretje (‘in een misplaatste poging de identiteit van Little Richard te stelen’), draagt horizontaal gestreepte sokken en vaak ‘antikleding’ van het merk Comme des Garçons. In Role Models schrijft hij: „Als ik mij een nieuw kledingstuk permitteer, moet er iets mis mee zijn. Doelbewust mis.’ Zijn motto: schenk je slechte smaak het volste vertrouwen. In de boekhandel in Baltimore, waar de signeersessie onlangs gehouden werd, valt vooral zijn stropdas op. Foeilelijk, gifgroen en oranje. Bijna iedereen wil met hem op de foto. Het publiek van ongeveer tweehonderd bewonderaars heeft zich goed voorbereid. Enkele vrouwen hebben een ragfijn snorretje op hun bovenlip getekend. Ze poseren voor de foto met hun gezicht pal naast dat van Waters. Anderen hebben hun haar zorgvuldig opgemaakt, model beehive (‘hoe hoger het haar, des te dichter bij God’). Baltimore is volgens Waters beehive hoofdstad van de wereld, vandaar.

Een enkele keer maakt hij een compliment: „I like your hair.” Maar hij kan ook vals uit de hoek komen. Tegen een studente met snorretje zegt hij: „Je lijkt op de vriendin van Eminem.” Als ze niet regeert voegt hij eraan toe: „Je weet wel, degene die hij altijd slaat.” Een man stroopt de mouwen van zijn overhemd op en vraagt om een handtekening op zijn arm. Bij iedere foto kijkt Waters onbewogen in de lens van de camera. Zijn handen gevouwen, vlak onder zijn gezicht. Een overblijfsel van zijn religieuze opvoeding? Of camp? Van godsdienst moet de in smerigheid gespecialiseerde regisseur niets meer hebben. Vorige boeken signeerde hij met: See You In Hell, John Waters.

Hij speelt een thuiswedstrijd. De boekhandel is gelegen tegenover het ziekenhuis waar hij op 22 april 1946 werd geboren. Hij groeide op in Lutherville, even ten noorden van Baltimore, maar woont al weer geruime tijd binnen de stadsgrenzen. Waters en zijn films horen bij Baltimore, maar op een andere manier dan de tv-serie The Wire. Zijn cultfilms als Pink Flamingos, Polyester en Hairspray zijn een ode aan en parodie op een stadsleven dat bijna is verdwenen. In Role Models (een uitgave van Farrar, Straus & Giroux) staat een mooi essay over de buurtcafe’s en homobars die hij bezocht en bezoekt, zoals Club Charles in het centrum en Cafe Hon in Hampden, nu een trendy wijk, maar lange tijd het laatste bastion van de blanke arbeidersklasse (‘upper lower class’). Afrikaans-Amerikanen betraden de buurt met gevaar voor eigen leven en zijn er nog steeds nauwelijks welkom. Na afloop van de signeersessie heeft Waters haast. Hij moet snel weg, met het vliegtuig naar Louisiana. Geen tijd voor een interview. Als hij een keer thuis is, misschien? Waters lacht, even. „Ik slaap nooit twee nachten achter elkaar in hetzelfde bed.’ En weg is hij.