INHolland dreigt Dales om studie naar declaraties

Er is een conflict ontstaan tussen Geert Dales, de onlangs teruggetreden voorzitter van het college van bestuur van INHolland, en de raad van toezicht van die hogeschool. Dales’ advocaat heeft gisteren een brief ontvangen van de raad waarin met forse boetes wordt gedreigd als Dales zijn kennis over de school deelt met de buitenwereld. Een woordvoerder van INHolland wil geen commentaar geven op de inhoud van de brief.

Gisteren werd bekend dat de Inspectie van het Onderwijs een vooronderzoek is begonnen naar het declaratiegedrag van de leden van het college van bestuur van INHolland. Op de vraag of Dales’ zwijgplicht ook betrekking heeft op dit onderzoek van de inspectie antwoordt zijn advocaat dat hij „met niemand” mag praten.

Een woordvoerder van de Onderwijsinspectie laat weten dat hij over dit concrete geval niets wil zeggen. „Maar volgens de algemene wet bestuursrecht is iedereen verplicht aan een toezichthouder alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs van hem gevorderd kan worden.” De woordvoerder weet niet wanneer de inspectie haar vooronderzoek zal afronden. „Daarop hebben we nog geen zicht.”

Jasper van Dijk, Tweede Kamerlid voor de SP, wil de verwikkelingen rondom Dales’ vertrek bij INHolland vanmiddag bespreken in een spoeddebat over de hoogte van bestuurderssalarissen in het onderwijs, dat reeds was aangevraagd. Van Dijk wil van staatssecretaris Zijlstra (VVD, Onderwijs) weten of Dales’ vergoeding bij zijn vertrek, ruim een jaarsalaris, is verstrekt onder de voorwaarde dat hij zou zwijgen over declaraties die niet in orde zijn.

Van Dijk: „Als dat zo is, wil ik aan de staatssecretaris vragen of hij met mij van mening is dat het bestuur van INHolland op non-actief moet worden gesteld. Ik vind dat er in dat geval een toezichthouder moet worden aangesteld.”

Ook Kamerlid Boris van der Ham van D66 wil staatssecretaris Zijlstra om opheldering vragen. „Mijn partij roept geen schande bij iedere buitenlandse dienstreis die wordt gemaakt. Die kan best zijn nut hebben. Wat wel heel belangrijk is, is dat bestuurders kunnen aantonen waarom sommige uitgaven gedaan worden en daar ook transparant over zijn. Aan dat laatste lijkt het bij INHolland te schorten.”