Gouwe Ouwe

Oud worden zoals meneer Strubbe, dat lijkt me wel wat.

Meneer Strubbe is weliswaar 86 jaar en stokdoof, maar hij heeft nog veel zin in het leven. Ik ken hem van een filmpje dat te zien is op de website van de Consumentenbond. Daar hebben ze het aardige idee bedacht om leden te laten vertellen over hun ‘Gouwe Ouwe’, en dan niet over een plaatje van de Blue Diamonds, maar over een of ander oud apparaat in hun huis dat ze nog steeds gebruiken.

Dat leidt tot roerende ontboezemingen.

Een man buigt zich koesterend over zijn overjarige broodrooster en zegt: „De boterhammen van de 21ste eeuw passen niet meer in een broodrooster van de 20ste eeuw, je moet die boterhammen nu ombuigen.’’

Is er een betere metafoor voor de gestegen westerse welvaart denkbaar? Elke dag zit deze man braaf zijn boterhammen om te buigen om de eenvoudige reden dat hij geen afstand wil doen van zijn oude ijzeren vriend.

Een andere man zweert bij zijn oude stofzuiger, ‘Holland Electro model Toppy’. „Een van de eerste stofzuigers met een papieren stofzak’’, zegt hij, „gekocht in ’69 met mijn vader om mijn moeder te verrassen – haar oude Ruton had het begeven.’’ Hij laat zien hoe gemakkelijk de stofzuiger te legen en te repareren is. Het geluid is nog acceptabel en ook verder geen onregelmatigheden. „Natuurlijk, het is vergane glorie, maar de voorwaarde van een stofzuiger is dat-ie zuigt en dat doet-ie.’’

Iemand heeft een reus van een oude koelkast. Hij gooit de deur met een forse zwaai dicht. „Chic geluid! Zoiets doe je toch niet weg?’’

Ik kijk vertederd naar een oude dame die haar bakelieten telefoontoestel-met-draaischijf gehandhaafd heeft. „Waarom ik geen nieuwe heb? Omdat deze het nog goed doet en je opziet tegen het nieuwe.’’

Groot gelijk, mevrouw, laat u niet opjagen. Zelf heb ik nog steeds geen afscheid genomen van mijn oude toestel-met-druktoetsen. Het geluid ervan is beter dan van mijn draagbare telefoons, die bovendien vaker mankementen vertonen. Ik vertelde het laatst aan een winkelbediende bij Primafoon. Hij keek me meewarig aan, ik geloof dat hij vond dat het voor mij nu toch echt tijd was geworden om dood te gaan.

Maar net als meneer Strubbe heb ik voorlopig nog wel wat beters te doen.

Hij ziet er op zijn filmpje voor de Consumentenbond pront uit met zijn bretellen en stropdas. Trots laat hij zien dat je het beste van twee werelden hebt als je het oude en het nieuwe goed combineert.

Aan het begin zien we hem achter zo’n kolossale oude computer zitten. „Die zal wel pas na mijn dood uit mijn kamer verdwijnen’’, zegt hij. „Waarom zou ik afstand doen van zo’n trouw apparaat? Nooit last van hackers, nooit van virussen, hij doet het altijd!’’ Hij buigt zich naar het apparaat en roept met de eentonige stem van de dove: „WP 51, backslash, DOS!’’ En hij begint te tikken.

Maar helemaal geen eenkennig mens, die meneer Strubbe. „Ik lees in De Telegraaf iets over een ai-pet’’, zegt hij, „en ik denk wat is dat nou weer?’’ Hij liet zijn kleindochter zo’n ai-pet kopen. Helaas kwam ze met een ‘vrouwenkleurtje’ (rose) aanzetten, maar verder was alles orde. „Een Gouwe Nieuwe is het! Ik kan er de hele wereld mee oproepen. Hij bespaart me elke dag een tochtje naarboven met mijn trapliftje.’’

    • Frits Abrahams