Zo heb je de drie beste sprintsters, en zo ben je ze kwijt

De Controlploeg begint het nieuwe schaatsseizoen zonder de drie beste sprintsters.

Coach Jac Orie begrijpt het vertrek van Timmer, Gerritsen en Boer nog steeds niet.

Zo heb je de drie snelste schaatssters van Nederland in je ploeg, en zo ben je ze weer kwijt. Trainer Jac Orie krabt zich eens op het hoofd als hij terugdenkt aan de gebeurtenissen in zijn vakantie, kort na de succesvolle olympische campagne van Vancouver. „Ik was hartstikke verbaasd”, zegt hij dan. „Het is tegen het onbegrijpelijke aan. Nog steeds.”

Gisteren presenteerde de succesvolle coach van de Control-ploeg in Oranjewoud zijn nieuwe team rond olympisch kampioen en kopman Mark Tuitert. Veel jonge, frisse nieuwe gezichten, maar geen Annette Gerritsen, geen Marianne Timmer, en geen Margot Boer – de sprinttrein die Orie de afgelopen jaren zorgvuldig op de baan had gezet.

De tegenslagen van een bizar olympisch seizoen – het faillissement van DSB en de hielbreuk van Timmer – leken allemaal verwerkt toen Orie, op vakantie na ‘Vancouver’, een sms’je kreeg waarin de drie hun vertrek aankondigden. „Ik zat in het buitenland en kreeg het bericht maar half binnen, dus ik begreep er geen barst van.”

Het drietal bleek te hebben gekozen voor een nieuw te vormen ploeg, inmiddels gesponsord door Liga, omdat zij het niet eens konden worden over een nieuw contract met Control. Voor de ploeg was duidelijk dat de drie de salarisverlaging afwezen die noodzakelijk was onder het nieuwe budget. Timmer, 36 en net hersteld van een ernstige blessure, zou een ton minder krijgen dan haar eerdere salaris van zo’n 180.000 euro. „Iedereen neemt zijn eigen economische beslissing”, stelt Orie vast. „We moesten allemaal fors terug in salaris, ik ook. Dat is vervelend. Alleen had ik niet verwacht dat ze die stap zouden nemen. Het was een heel hecht team.”

Binnen Control, dat zich in de loop van de jaren ontwikkelde tot een van de beste sprintploegen ter wereld, kwam de breuk hard aan. Tuitert geeft nog steeds „geen commentaar”.

In de voorbereiding op het nieuwe seizoen, dat vrijdag begint met de NK afstanden in Heerenveen, koos Orie bewust niet voor de wederopbouw van het sprintclubje bij de vrouwen. „Je moet niet proberen met andere schaatssters hetzelfde te bereiken. Dan wordt het ‘net niet’. Ooit ben je zo gestart, er is veel tijd in gestoken en het is goed gelukt. Maar je moet daar niet in blijven hangen.”

Orie koos daarom voor een verbreding van zijn ploeg, met het aantrekken van het jonge talent Janine Smit, en de routiniers Diane Valkenburg en Paulien van Deutekom, specialisten op de middenafstanden. Maar die keuze betekent niet dat de Control-ploeg zich gaat toeleggen op het allrounden. „De trend is dat het allrounden langzaam verdwijnt”, zegt Orie. „Er zijn er nog maar een paar op de wereld die dat kunnen.”

Behalve op Sven Kramer – van wie het nog onzeker is of hij dit seizoen schaatst – doelt Orie ook op Shani Davis, die in het postolympische jaar zijn zinnen zet op het WK allround in Calgary. De Amerikaan was in 2005 en 2006 al wereldkampioen allround, de laatste jaren voor het tijdperk-Kramer. Orie: „De keuze van Davis kan internationaal een kleine boost geven aan het allrounden, maar ik geloof toch dat het steeds minder belangrijk zal worden. Het belang zal steeds meer komen te liggen op de individuele afstanden.” Of, zoals Tuitert het formuleert: „Allrounden is steeds meer een specialisme geworden.”

De prioriteiten in de ploeg van Orie liggen dan ook bij de wereldbekerwedstrijden en de WK afstanden in Inzell. „Onze filosofie is dat specialisten op die middenafstanden, tussen 1.000 en 3.000 meter, elkaar in trainingen heel goed kunnen ondersteunen. Daardoor kunnen alle leden van de groep elkaar sterker maken”, zegt Orie. Met Tuitert en diens metgezel Stefan Groothuis heeft hij twee zwaargewichten op de 1.500 meter. Beiden krijgen van binnenuit concurrentie van het talent Kjeld Nuis.

Tuitert, de verrassende kampioen van Vancouver, beseft dat hij nu wordt gezien als een boegbeeld van het Nederlandse schaatsen. „Dat geeft wel extra druk, omdat ik altijd zal worden gezien als de olympisch kampioen. Ik wil dat natuurlijk ook laten zien aan de rest van de wereld. Maar van de andere kant heb ik in Vancouver laten zien dat ik de rust heb om die lange weg naar de Spelen af te leggen, met alle teleurstellingen die daarbij horen. En dat ik kan pieken in de belangrijkste race.”

Tuitert, dertig jaar inmiddels, is geen moment van plan geweest te stoppen na zijn grootste succes. „Dat zou een belediging zijn voor alle uren die ik in het schaatsen heb gestopt. En een belediging voor het succes. Ik ga mezelf niet straffen door te stoppen met mijn grootste passie.”